drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard
13
3962
JR Wijk bij Duurstede
Wijk bij Duurstede, 13 juli 2007
De gemeenteraad van
gemeente Amsterdam
Amstel 1
1011 PN Amsterdam
Betreft: Jaarrekening 2006 van
gemeente Amsterdam
Geachte Raad,
Voor uw werk als gemeenteraad moet u kunnen
beschikken over betrouwbare en bruikbare jaarrekeningen. Immers, met de
jaarrekeningen legt het college van burgemeester & wethouders aan u en aan
de burgers van Amsterdam rekening en verantwoording af over de ontvangen en
bestede gemeenschapsgelden.
Met mijn brief van 8 mei jl. aan u liet ik u
weten dat de jaarrekening 2006 van uw gemeente niet betrouwbaar is en (dus) niet
bruikbaar. Zoals ik u eerder liet weten dat ook de jaarrekeningen 1998 - 2005
volstrekt misleidend waren. In de jaarrekening 2006 presenteert het
gemeentebestuur aan u een rekening van baten en lasten met saldo van € 0
miljoen. Ik liet u weten dat dit pertinent onwaar is, want in werkelijkheid
heeft de gemeente € 121 miljoen overgehouden. Dat is niet onbelangrijk, want
bijvoorbeeld de opbrengst van de Onroerendezaakbelasting was € 130 miljoen. Als
ik gelijk heb, betekent dit dat de Onroerendezaakbelasting in 2006 nagenoeg
onnodig aan de inwoners van Amsterdam, die u geacht wordt als
volksvertegenwoordigers te vertegenwoordigen, is opgelegd. Zoals dat ook in de
voorafgaande jaren (ten minste vanaf 1998) het geval was. In de jaarrekeningen
over de jaren 1998 - 2005 presenteerde het gemeentebestuur aan u een voordelig
saldo van opbrengsten en kosten van € 112 miljoen, terwijl de gemeente in die
jaren in werkelijkheid € 2.592 miljoen overhield en de opbrengst van de OZB €
1.133 miljoen was.
Ik liet u in mijn brief ook weten dat de
presentatie van de financiële positie verre van juist is.
Ik liet u ook weten dat de jaarrekening boordevol
klinkklare nonsens staat: allemaal interessantdoenerige onzin, waardoor menig
niet financieel geschoold raadslid totaal op een dwaalspoor wordt
gebracht.
Dus was mijn conclusie: de jaarrekening is alleen
maar bruikbaar in de openhaard. De jaarrekening is beslist niet bruikbaar als
verantwoordingsdocument!
U liet het aan het college over om naar mij te
reageren. Zelf vond u het blijkbaar niet de moeite waard te onderzoeken of ik
niet gelijk zou kunnen hebben en welke conclusies u daaruit zou moeten trekken.
Ik ontving een reactie van het college met zijn brief van 25 juni jl. De reactie
heeft mij hogelijkst verbaasd. Waarschijnlijk heeft u zelf niet de moeite
genomen de reactie te bekijken. U vindt immers een goede controle op de
ontvangst en besteding van de belastinggelden totaal onbelangrijk. Of toch
niet?
Allereerst ontkent het college in zijn brief niet
mijn gelijk dat het werkelijke saldo van de opbrengsten en kosten € 121 miljoen
is. Het enige dat het college ervan zegt is: "De passages in uw brief over het
rekeningresultaat laten wij voor wat ze zijn". Een inhoudelijke reactie van
niks.
Het college zegt over de presentatie van een
voordelig saldo van € 0 miljoen: "Zowel de Rekenkamer Amsterdam als onze
accountant zijn van oordeel dat de presentatie daarvan in de jaarrekening van de
gemeente Amsterdam conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is."
Klinkklare onzin uiteraard, want het bestaat niet dat er wetgeving zou bestaan
die zou voorschrijven dat u en de burgers van Amsterdam voorgelogen moeten
worden. En ook al zou die wetgeving bestaan: een leugen blijft een leugen. De
uitspraak van het college zegt heel veel over de kwaliteiten van de Rekenkamer
Amsterdam en van uw accountant.
Op mijn constatering van een misleidende weergave
van de financiële positie reageert het college geheel niet. Wie zwijgt, stemt
toe?
En wat betreft de vele klinkklare nonsens in de
jaarrekening, ontkent het college ook hierin niet mijn ongelijk. Het college
zegt ervan: "Deze termen zijn afkomstig uit het BBV". Echter, ook al zou dat zo
zijn, nergens staat voorgeschreven dat je die nonsens dan moet overschrijven in
de Amsterdamse jaarrekeningen. Er staat wel uitdrukkelijk in die voorschriften
(BBV artikel 3) dat jaarrekeningen van gemeenten zò moeten worden opgemaakt dat
met name gemeenteraadsleden die jaarrekeningen goed kunnen begrijpen. Opvallend
is dat het college in zijn reactie daar niets over zegt.
Het college verwijst in zijn reactie dus enkel en
alleen naar een of andere goedkeurende accountantsverklaring (zo'n soort
verklaring die ook bij de boekhoudfraude-jaarrekeningen van WorldCom, Enron,
Ahold en noem ze maar op, stonden), naar een of andere rekenkamer en naar een of
ander BBV. Alsof daarmee gezegd zou moeten zijn dat de
jaarrekening 2006 (en de eerdere jaarrekeningen) van gemeente Amsterdam dus wel
betrouwbaar moet zijn?
De reactie van het college mist elke
kwaliteit.
Wat doet u nu? Gaat u nu eindelijk uw
verantwoordelijkheid als volksvertegenwoordiging zien en daarnaar
handelen?
Graag was ik u wederom van dienst.
Met vriendelijke groet en
hoogachting,
L.W. Verhoef