drs.
L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard
13
3962
JR Wijk bij Duurstede
De
Minister van Binnenlandse Zaken
De
heer H. Dijkstal
Postbus
21011
2500
EA 's-GRAVENHAGE
Wijk
bij Duurstede,
2 januari 1998
Betreft: Begrotingen en jaarrekeningen van
Provincies en Gemeenten
Uw brief kenmerk
F097/2129
Geachte
heer Dijkstal,
Met
mijn brief aan u d.d. 6 december 1997 deelde ik u mijn zorg mee over de zwaar
tekortschietende kwaliteit van de begrotingen en jaarrekeningen van de (meeste)
provincies en gemeenten. Voor uw antwoord in uw brief d.d. 23 december 1997 van
uw plv. directeur-generaal openbaar bestuur, de heer C. Schouten, ben ik u
erkentelijk. Daarvoor mijn hartelijke dank.
Ik
veroorloof mij een enkele reactie op deze brief in de verwachting dat u daar
wellicht uw voordeel mee kunt doen.
U
maakt in uw brief melding van een binnenkort door u te verrichten onderzoek naar
de financiële functie van provincies en gemeenten. Dit lijkt ook mij een zeer
goede zaak. Omdat ik al geruime tijd in "provincie- en gemeenteland" rondloop,
veel provinciale en gemeentelijke begrotingen en jaarrekeningen bekeken heb en
daar onderzoek naar heb ingesteld (ik publiceerde daarover verschillende
artikelen), weet ik dat een dergelijk onderzoek zeer geboden
is.
Schroomt
u niet, wanneer u meent dat ik in welke hoedanigheid dan ook u bij dit onderzoek
behulpzaam kan zijn, contact met mij op te nemen. Graag zal ik proberen u van
dienst te zijn.
Ik
denk dat in (de voorbereidende fase van) uw onderzoek bijvoorbeeld het onderzoek
dat ikzelf (toentertijd nog werkzaam bij Arthur Andersen & Co, Accountants)
in 1996 bij de Provincie Utrecht heb uitgevoerd naar de kwaliteit van de
begrotingen 1996 van de Utrechtse gemeenten, u zeer goed van pas kan komen. Ik
verwacht dat de Provincie Utrecht u het onderzoeksrapport gaarne ter beschikking
zal stellen. (De resultaten van dit onderzoek waren, hoewel voor mij niet
onverwacht, toch weer schokkend. Hetzelfde geldt voor het feit dat met de
uitkomsten van het onderzoek - uiteraard !? - niets gedaan
is.)
Uw
onderzoek, en met name de uitvoering daarvan en daarom de conclusies daaruit,
brengt mij wel op de vraag: Wie gaat dit onderzoek
uitvoeren?
- Toch
niet de accountants(kantoren) die thans bij al die tekortschietende
jaarrekeningen, die tevens in het geheel niet voldoen aan de
Comptabiliteitsvoorschriften, goedkeurende verklaringen verstrekken? Ik denk dat
getwijfeld mag worden aan hun deskundigheid en objectiviteit. Zij gaan toch niet
zelf concluderen dat de jaarrekeningen, waar ze altijd goedkeurende verklaringen
bij verstrekt hebben, in het geheel niet aan de daaraan te stellen eisen
voldeden?
- Toch
niet de ambtenaren van uw ministerie die thans het financieel toezicht op de
provincies uitoefenen? Naar wat ik daarvan heb gezien, ontbreekt het ook hun aan
deskundigheid. En hoe is het met hun objectiviteit? Zij gaan toch niet zelf
concluderen dat de begrotingen en jaarrekeningen, die wat hun betreft altijd
toereikend genoeg waren voor hun toezichtswerkzaamheden, nooit aan de ook in dat
kader te stellen eisen voldaan hebben?
- Toch
niet aan de ambtenaren van uw ministerie die zich bezig houden (c.q. hebben
gehouden) met de redactie van de Comptabiliteitsvoorschriften en de toelichting
daarbij en met het beantwoorden van de vragen die over de (toepassing van de)
Comptabiliteitsvoorschriften gesteld worden? Met alle gemeende respect voor uw
ambtenaren, ook hun ontbreekt het aan deskundigheid. Ik verwijs u daarvoor naar
bijgaand concept van een artikel van mij dat ingaat op de wijze waarop uw
ambtenaren vragen over de (toepassing van de) Comptabiliteitsvoorschriften
beantwoorden. (Wat overigens niets wil zeggen over de plezierige wijze waarop ik
eertijds met uw ambtenaren heb samengewerkt aan de totstandkoming van de
Comptabiliteitsvoorschriften. Mijn inbreng moest het toentertijd helaas
ontgelden bij de lawine van ondeskundigheid van alle kanten, die de
Comptabiliteitsvoorschriften en - met name - de toelichting daarbij hebben doen
verworden tot wat het thans is; een lawine van ondeskundigheid waar toentertijd
ook uw ambtenaren het slachtoffer van geworden zijn.) (Mijn artikel is/wordt
overigens niet geplaatst: ik word geboycot; "men" wil niet weten hoe droevig het
gesteld is met de kwaliteit van de provinciale en gemeentelijke begrotingen en
jaarrekeningen.)
- Toch
niet ambtenaren van provincies en gemeenten? Zij hebben juist al die tijd die
tekortschietende begrotingen en jaarrekeningen geproduceerd! Ik denk dat van hen
mut.mut. hetzelfde gezegd kan worden als van "hun"
accountants!
Ik
heb kennisgenomen van uw toezegging dat u mij t.z.t. zult informeren over uw
onderzoek en uw standpunt daarover. Ook daarvoor - bij voorbaat - mijn
dank.
Uw
bereidwillige dienaar,
met
vriendelijke groet,
L.W.
Verhoef