drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede
Wijk bij Duurstede, 10
december 2001
Gemeenteraad van
Gemeente Breda
Postbus 90156
4800 RH Breda
Betreft: Jaarrekening 2000
"Het resultaat van het boekjaar bedraagt inclusief bijzondere baten en
lasten ƒ 52,9 mln"
Aldus de mededeling van u als gemeentebestuur in uw jaarverslag over
2000.
Is
deze suggestie juist?
Nee, want volgens de jaarrekening is het saldo in
werkelijkheid ƒ 27,9 miljoen!!
Geachte raad,
Voor u als gemeenteraad is de jaarrekening van uw gemeente een belangrijk
document: hiermee legt het college van burgemeester en wethouders rekening en
verantwoording aan u af over het door hem gevoerde (financiële) beheer en verder
is de jaarrekening voor u een belangrijk ijkmiddel voor de betrouwbaarheid van
de lopende begroting (i.c. 2001) en de a.s. begroting (i.c. 2002). Op basis van
deze begrotingen beslist u over de hoogte van de gemeentelijke belastingen en
over het wel of niet doorgaan van belangrijke activiteiten. Ook voor de
(geïnteresseerde) burgers is de jaarrekening een belangrijk document: d.m.v. de
jaarrekening legt u als raad aan de burgers rekening en verantwoording af van
het door u gevoerde (financiële) beleid en beheer. Het is dus erg belangrijk dat
de jaarrekening en de (a.s.) begroting betrouwbare documenten
zijn.
Is
de jaarrekening 2000 van Breda betrouwbaar? Nee dus!
Ik
ben geïnteresseerd in hoe gemeenten en provincies hun jaarrekeningen en
begrotingen opmaken. Van die jaarrekeningen en begrotingen klopt, zo is mijn
ervaring, in het algemeen niet veel. Ze zitten boordevol hoogst onjuiste en
inconsistente informatie en boordevol onzin-teksten. Het zijn daarom in het
algemeen hoogst onbetrouwbare documenten. Om die reden is het volstrekt
onverantwoord om op basis van deze begrotingen en jaarrekeningen gemeenten en
provincies te besturen en daarover verantwoording af te
leggen.
Ik
heb ook de jaarrekening 2000 van uw gemeente beoordeeld. Ook uw "jaarrekening"
2000, zo is mijn conclusie, heeft met een jaarrekening, laat staan met een
betrouwbare jaarrekening en dus met een betrouwbaar sturingsmiddel en met een
betrouwbaar verantwoordingsverslag, niets uitstaande. Veel hoogst onjuiste
cijfers en onzin-teksten (vooral waar het gaat over verschillen tussen "saldo
van baten en lasten", "resultaat" en "gezuiverd resultaat", reserves,
weerstandsvermogen, wel/niet geblokkeerde en wel/niet vrij aanwendbare
reserves), waarvan de meesten van u, het kan niet anders, ongetwijfeld weinig
begrepen zullen hebben. Het is uiteraard jammer van alle moeite die aan de
jaarrekening en aan het bestuderen daarvan besteed is.
Ook
de jaarrekening 2000 van Breda voldoet in de verste verten niet aan de meest
elementaire eisen die je aan een jaarrekening mag stellen: op betrouwbare wijze
inzicht geven in de omvang van de baten en de lasten en het saldo daarvan, en in
de omvang en samenstelling van het vermogen en m.n. van de reserves. Uw
jaarrekening voldoet derhalve dus ook in de verste verten niet aan de wettelijke
eisen die aan u gesteld worden bij het opmaken en vaststellen van de
gemeentelijke jaarrekening.
Wat
betreft de baten en de lasten en het saldo daarvan, suggereren de rekening en de
begeleidende teksten bij uw jaarrekening dat het saldo van de baten en de lasten
(overeenkomstig wat in de rekening opgenomen is) een bedrag van ƒ 52,9 miljoen
is. Niets is echter minder waar!
Bestudering van de jaarrekening leert dat het saldo van de
baten en de lasten volgens de jaarrekening in werkelijkheid ƒ 27,9 miljoen
is. En dat is wel iets anders.
Het
verschil wordt op de eerste plaats veroorzaakt doordat er baten en lasten
buiten de rekening zijn gelaten, d.w.z. buiten de rekening om
rechtstreeks zijn toegevoegd aan of in mindering zijn gebracht van het eigen
vermogen. De toelichting bij de balans maakt duidelijk dat miljoenen guldens
aan baten en lasten buiten de rekening zijn gelaten. Wat moest waarom
verborgen blijven?
Omdat dit de niet deskundige lezers - wat de meeste
gemeenteraadsleden en andere belangstellenden zullen zijn - gemakkelijk ontgaat
en hen dus gemakkelijk op het verkeerde been zet, wordt dit door de voor u
geldende wettelijke voorschriften, i.c. de zogenoemde
Comptabiliteitsvoorschriften (artikel 27), uitdrukkelijk verboden. U moet
alle baten en alle lasten in de rekening opnemen. Als u
dit, zoals de wet en vaste jurisprudentie uitdrukkelijk voorschrijven, gedaan
had, zou de rekening er uiteraard heel anders hebben
uitgezien.
Aan
de jaarrekening valt wel te zien dat er (delen van) baten en lasten buiten de
rekening gelaten zijn, er valt niet of nauwelijks te zien welke baten- en
lastenposten het betreft. Dat betekent dat alle baten- en lastenposten
die in de rekening opgenomen zijn, verdacht zijn en onjuist kunnen
zijn.
Als
uw rekening correct zou zijn opgemaakt, zou de rekening eindigen met het door
mij genoemde saldo van ƒ 27,9 miljoen.
Het
bedrag van ƒ 27,9 miljoen bereken ik op eenvoudige wijze door het saldo van het
eigen vermogen op 31.12.1999 (volgens uw jaarrekening ƒ 352,9 miljoen) af te
trekken van het saldo van het eigen vermogen op 31.12.2000 (volgens uw
jaarrekening ƒ 380,8 miljoen). Het verschil (i.c. ƒ 27,9 miljoen) is namelijk,
hoe je het ook keert of wendt, per definitie gelijk aan het saldo van de (=
alle) baten en de lasten.
Wanneer u alle baten en lasten in de rekening zou hebben opgenomen, zou
deze dus geëindigd zijn met een saldo van ƒ 27,9 miljoen. Dit uiteraard wel
onder de veronderstelling dat alle baten en lasten en het eigen vermogen in
begin- en eindbalans juist bepaald en weergegeven zijn.
Aan
de jaarrekeningen van de meeste gemeenten en provincies en ook aan die van Breda
valt echter te ontlenen dat veel baten en lasten en het eigen vermogen volstrekt
onjuist bepaald en dus onjuist weergegeven zijn.
Aan
uw jaarrekening is (ten minste) te ontlenen dat:
- een
(onbekend) bedrag van de vaste activa in plaats van aan de debetzijde van de
balans te zijn opgenomen, op één van de posten van de creditzijde van de balans,
in dit geval het eigen vermogen, is afgetrokken. Hierdoor worden de vaste activa
en uiteraard ook het eigen vermogen, i.c. de reserves, voor een te laag en dus
verkeerd bedrag weergegeven. Omdat op deze vaste activa niet wordt afgeschreven,
ontbreekt een (onbekend) bedrag aan afschrijvingslasten in de rekening, waardoor
de kosten van veel activiteiten te laag weergegeven
worden.
-
de
rentelasten met een bedrag van ƒ 13,5 miljoen te hoog zijn weergegeven, omdat er
voor dit bedrag in de rekening fictieve rentelasten zijn opgenomen terzake van
niet bestaande schulden.
-
onder het eigen vermogen verschillende bedragen voorkomen die in het
geheel geen reserves zijn, maar verplichtingen. Hierdoor wordt het eigen
vermogen, i.c. de reserves, te hoog en dus verkeerd voorgesteld. Hierdoor worden
ook de baten en de lasten die met deze "reserves" samenhangen, geheel verkeerd
in de rekening weergegeven. Ten minste geldt dit voor de nog niet bestede
geoormerkte rijkssubsidies, bestanddelen van de "onderwijsreserves" en diverse
tariefsegalisatierekeningen.
-
onder de voorzieningen verschillende posten voorkomen die geheel of ten
dele in het geheel geen verplichtingen representeren. Hierdoor wordt het eigen
vermogen, i.c. de reserves, te laag en dus verkeerd voorgesteld. Hierdoor worden
ook de lasten die met deze "voorzieningen" samenhangen, geheel verkeerd in de
rekening weergegeven. Ten minste geldt dit voor delen van de
"onderhoudsvoorzieningen" die geen betrekking hebben op periodiek groot
onderhoud en de "Risicovoorziening Grondbedrijf", omdat daar geen enkele
verplichting tegenover staat.
-
onder de voorzieningen ten minste een voorziening uit hoofde van
pensioen- en wachtgeldverplichtingen jegens (oud-)wethouders ontbreekt. Hierdoor
wordt het eigen vermogen, i.c. de reserves, te hoog en dus verkeerd
voorgesteld.
-
onder de verplichtingen (i.c. voorzieningen en schulden) de
verplichtingen uit hoofde van vakantiegeld (en vakantiedagen?)
ontbreken.
Door deze tekortkomingen in de presentatie van de vaste activa, de
verplichtingen en het eigen vermogen stelt de jaarrekening ook niet in staat
door vermogensvergelijking het werkelijke saldo van de baten en lasten af te
lezen. Kortom, aan de jaarrekening is wèl te ontlenen dat het saldo van de baten
en de lasten niet het door u gesuggereerde bedrag van ƒ 52,9 miljoen is,
maar stelt overigens niet in staat te zien wat dan het saldo van de baten en de
lasten wèl is.
Kortom,
ook de jaarrekening van Breda stelt volstrekt
niet in staat om een oordeel, laat staan een verantwoord oordeel, te vormen over
de financiële positie en over de baten en de lasten en het saldo daarvan. En
daar ging het toch in eerste instantie om! De jaarrekening voldoet alleen daarom
al niet aan belangrijke wettelijke voorschriften. Dat betekent dat de
jaarrekening totaal ongeschikt is als sturings- en verantwoordingsinstrument.
Dat betekent dat u bijvoorbeeld de geïnteresseerde burger, maar, naar ik
aanneem, ook uzelf, belangrijke informatie onthoudt, informatie waar de burger
en uzelf wel degelijk recht op hebben!
Ik
denk dat u ervan uit kunt gaan dat ook uw begroting 2001 en (binnenkort) uw
begroting 2002 op dezelfde wijze als de jaarrekening zijn opgemaakt en dat u die
dus, net zoals uw jaarrekening, maar beter meteen bij het oud papier kunt
wegdoen. Wat heb je aan 100-en pagina's volstrekt onbetrouwbare
informatie?
Het
is volstrekt onverantwoord om met behulp van dit soort begrotingen een gemeente
te besturen.
Ik
denk dat er alle aanleiding is dat u de jaarrekening (en de genoemde
begrotingen) volledig laat overmaken en dat de burgers en uzelf een jaarrekening
krijgen die wèl betrouwbaar is.
Ten
minste heeft de belangstellende burger, maar ook uzelf, recht op een antwoord op
de volgende vragen:
- Wat
is het werkelijke saldo van de baten en lasten van de gemeente over
2000?
-
Wat
is de werkelijke omvang van de reserves einde
2000?
Uw
reactie te vernemen stel ik op prijs.
Met
vriendelijke groet en hoogachting,
L.W. Verhoef