Dossier: Gelderland
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 9 juni 2005

Provinciale Staten van
Provincie Gelderland
Postbus 9090
6800 GX Arnhem

Betreft: Jaarrekening 2004 provincie Gelderland

Geachte Staten,

Ik heb, zoals eerdere jaarrekeningen, ook de jaarrekening 2004 van provincie Gelderland bekeken. Hieronder noem ik enkele belangrijke opvallendheden.

Voor u als Provinciale Staten is de jaarrekening van uw provincie een belangrijk document: hiermee legt het college van Gedeputeerde Staten rekening en verantwoording aan u af over het gevoerde (financiële) beheer en verder is de jaarrekening voor u een belangrijk ijkmiddel voor de betrouwbaarheid van de begroting 2005 en binnenkort de begroting 2006. Op basis van deze begrotingen beslist u over de hoogte van de provinciale belastingen en over het wel of niet doorgaan van belangrijke activiteiten. Ook voor de (geïnteresseerde) burgers is de jaarrekening een belangrijk document: d.m.v. de jaarrekening legt het provinciebestuur al dan niet met uw instemming aan de burgers rekening en verantwoording af van het gevoerde (financiële) beheer. Het is dus erg belangrijk dat de jaarrekening en de begroting betrouwbare documenten zijn.
Is de jaarrekening 2004 van Gelderland betrouwbaar?

Op verschillende plaatsen in het boekwerk "Beleidsrekening 2004" wordt vermeld en gesuggereerd dat het saldo van de baten en de lasten in 2004 een bedrag is van € 5,8 miljoen.
Het staat te lezen op pagina 16: "Het jaar 2004 is afgesloten met een voordelig rekeningresultaat van € 5,8 mln".
Het staat te lezen onderaan pagina 103: "... het positieve rekeningresultaat van € 5,8 mln."
Het overzicht op pagina 103 met opschrift: "Samenvattend overzicht programma's 2004" (i.c. de rekening van baten en lasten) sluit eveneens met het bedrag van € 5,830 miljoen.
In de balans (pagina 108) staat onder "Eigen vermogen" eveneens te lezen: "Saldo van rekening 5.830" (x € 1.000).
Het stond ook te lezen in het persbericht dat het provinciebestuur naar aanleiding van het uitkomen van de jaarrekening deed uitgaan. In dat persbericht was te lezen: "Het rekeningresultaat is € 5,8 mln."
Dit is echter niet het werkelijke saldo van de baten en de lasten in 2004.

Het werkelijke saldo van de baten en de lasten laat zich afleiden uit de toename of afname van het Eigen vermogen. Volgens de balans (pagina 108) bedraagt het Eigen vermogen per 31.12.2004  € 230,610 miljoen en per 31.12.2003  € 251,836 miljoen. Het bedrag van het Eigen vermogen per 31.12.2003 is ten onrechte niet gecorrigeerd voor de waarderingscorrectie van de deelnemingen van € 32,926 miljoen. Er had dus moeten staan (€ 251,836 + € 32,926 =) € 284,762 miljoen. Er is dus sprake van een afname van het Eigen vermogen van (€ 284,762 - € 230,610 =) € 54,152 miljoen. Dit is dus het werkelijke saldo van de baten en de lasten, d.w.z. een nadelig saldo van baten en lasten van € 54,152 miljoen.

Dit bedrag van € 54,152 miljoen als werkelijk (nadelig) saldo van de baten en de lasten, komt niet overeen met wat midden in het overzicht "Samenvattend overzicht programma's 2004" (pagina 103) "Resultaat voor bestemming" van (negatief) € 21.225,1 wordt genoemd, wat wèl het geval had moeten zijn.
Het was overigens veel duidelijker geweest als wat met "Resultaat voor bestemming" wordt aangeduid, simpelweg was aangeduid met "Saldo van de baten en de lasten". Alles wat in het overzicht op pagina 103 onder en na dit "Resultaat voor bestemming" is opgenomen, is onzin en niet relevant en leidt af van wat dit getal in werkelijkheid is, en had er dus niet moeten staan.
Kortom, de conclusie is dat het werkelijke saldo van de baten en de lasten over 2004  nadelig € 54,152 miljoen bedraagt.

Het werkelijke saldo van de baten en de lasten van nadelig € 54,152 miljoen is alleen goed, als bijvoorbeeld het Eigen vermogen per 31.12.2003 en per 31.12.2004 correct zijn weergegeven. Echter, ten minste moet geconstateerd worden dat:
  • een (onbekend) bedrag van de vaste activa in plaats van aan de debetzijde van de balans te zijn opgenomen, op één van de posten van de creditzijde van de balans, in dit geval het eigen vermogen, is afgetrokken. Hierdoor worden de vaste activa en uiteraard ook het eigen vermogen, i.c. de reserves, voor een te laag en dus verkeerd bedrag weergegeven. Omdat op deze vaste activa niet wordt afgeschreven, ontbreekt een (onbekend) bedrag aan afschrijvingslasten in de rekening, waardoor de kosten van veel activiteiten te laag weergegeven worden.
  • onder het eigen vermogen bedragen voorkomen die in het geheel geen reserves zijn, maar verplichtingen. Hierdoor wordt het eigen vermogen, i.c. de reserves, te hoog en dus verkeerd voorgesteld. Het betreft de tariefegalisatierekeningen.
  • onder de voorzieningen verschillende posten voorkomen die geheel of ten dele in het geheel geen verplichtingen representeren. Hierdoor wordt het eigen vermogen, i.c. de reserves, te laag en dus verkeerd voorgesteld. Hierdoor worden ook de lasten die met deze "voorzieningen" samenhangen, geheel verkeerd in de rekening weergegeven. Ten minste geldt dit voor diverse kostenegalisatierekeningen.
  • onder de voorzieningen ten minste een voorziening uit hoofde van pensioen- en wachtgeldverplichtingen jegens (oud-)gedeputeerde statenleden ontbreekt. Hierdoor wordt het eigen vermogen, i.c. de reserves, te hoog en dus verkeerd voorgesteld.
  • onder de verplichtingen (i.c. voorzieningen en schulden) de verplichtingen uit hoofde van vakantiegeld en vakantiedagen ontbreken, waardoor in de rekening de kosten te hoog of te laag en in de balans het Eigen vermogen navenant te hoog is weergegeven.
Door deze tekortkomingen in de presentatie van de vaste activa, de verplichtingen en het eigen vermogen stelt de jaarrekening ook niet in staat door vermogensvergelijking het werkelijke saldo van de baten en lasten af te lezen. Aan de jaarrekening is dus wèl te ontlenen dat het saldo van de baten en de lasten niet het gesuggereerde (positieve) bedrag van € 5,830 miljoen is, maar stelt niet in staat te zien wat dan het saldo van de baten en de lasten wèl is.

Volgens de jaarrekening 2003 bedroegen de voorzieningen per 31-12-2003 € 3,725 miljoen, terwijl dat volgens de jaarrekening 2004 € 79,120 miljoen is. Volgens de jaarrekening 2003 bedroeg het Eigen vermogen per 31-12-2003 € 324,763 miljoen, terwijl dat volgens de jaarrekening 2004 € 251,836 miljoen is. In beide gevallen is een goedkeurende accountantsverklaring gegeven. Ten minste een van beide accountantsverklaringen is dus ten onrechte goedkeurend.

Opvallend is dat provincie Gelderland een groot bedrag van circa € 50 miljoen aan kasgeldleningen en liquide middelen heeft. Weliswaar levert dit rente op, maar een noodzaak voor deze € 50 miljoen is niet aanwezig. Teruggeven aan degenen van wie dit hoge bedrag vandaan gekomen is, namelijk de belastingbetalers, lijkt mij een zeer reële optie.

In de jaarrekening komt heel veel onzin voor, bijvoorbeeld waar het gaat over reserves, over voorzieningen, over zoiets als "inactiviteitenregelingen" (pagina 125), over een zogenaamd volgens de nieuwe wettelijke voorschriften (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV)) aangescherpt onderscheid tussen reserves en voorzieningen (pagina 5), en waar het gaat over zoiets als weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit, ja zelfs zoiets onzinnigs als een "incidentele" en "structurele weerstandscapaciteit", en zoiets als "investeringen met een economisch nut" en "investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut", en allerlei onzin over "rechtmatigheid". Deze onzin leidt alleen maar af. Het weglaten van deze onzin zou het boekwerk "Beleidsrekening 2004" aanzienlijk dunner en (vooral) toegankelijker maken.
Overigens adviseer ik u sterk tot het opheffen van alle reserves, deze samen te voegen tot één Algemene reserve, en alle baten en lasten op te nemen in waar ze thuishoren, namelijk in de begroting respectievelijk in de rekening van baten en lasten. Dit zal het inzicht in waar het echt over hoort te gaan, aanmerkelijk verbeteren.

In het overzicht "Niet uit de balans blijkende verplichtingen" (pagina 125) wordt niets gezegd over de omvang van de verplichtingen uit hoofde van wachtgeld- en pensioenverplichtingen van bijvoorbeeld (oud-)gedeputeerde statenleden en van de niet opgenomen vakantiegeld- en -dagenverplichtingen. Het zou wel eens om een substantieel bedrag kunnen gaan. Overigens hadden deze verplichtingen zondermeer in de balans moeten zijn opgenomen. Nu dit niet gebeurd is, geeft de balans terzake niet goed de financiële positie weer. Dit laatste is in strijd met BBV artikel 3.

Volgens BBV artikel 3 moeten de jaarstukken met name voor statenleden goed begrijpelijk zijn. Of dit het geval is, kunt u zelf het beste beoordelen.

Volgens BBV artikel 25 lid 2 moet de verantwoording inzicht bieden in:
a.    de mate waarin de doelstellingen zijn gerealiseerd;
b.    de wijze waarop getracht is de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken.
U kunt zelf het beste de vraag beantwoorden of aan deze eisen is voldaan.

De winst-en-verliesrekening over 2000 sloot met een saldo van € 2,0 miljoen. Het werkelijke saldo was € 138,8 miljoen. Er werd dus € 136,8 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 2001 sloot met een saldo van € 8,3 miljoen. Het werkelijke saldo was € 108,3 miljoen. Er werd dus € 100,0 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 2002 sloot met een saldo van € 13,2 miljoen. Het werkelijke saldo was € 129,6 miljoen. Er werd dus € 116,4 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 2003 sloot met een saldo van € 7,8 miljoen. Het werkelijke saldo was € 33,5 miljoen. Er werd dus € 41,3 miljoen verzwegen.
Daarmee bedraagt de boekhoudfraude over die jaren (per saldo) circa € 310 miljoen.
De winst-en-verliesrekening over 2004 sluit met een positief saldo van € 5,8 miljoen. Het werkelijke saldo is nadelig € 54,2 miljoen.

Graag was ik u van dienst.

Met vriendelijke groet en hoogachting,

L.W. Verhoef