drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede
Wijk bij Duurstede, 19 augustus 2002
Provinciale Staten van
Provincie Limburg
Postbus 5700
6202 MA Maastricht
Betreft: Jaarrekening
2001
Het batig saldo over het jaar 2001 bedraagt €
11,0 miljoen
Aldus de suggestie van u als provinciebestuur in
uw jaarverslag over 2001
Is deze suggestie juist?
Nee, want het saldo is in
werkelijkheid € 19,5 miljoen!!
Geachte Staten,
Voor u als Provinciale Staten is de jaarrekening
van uw provincie een belangrijk document: hiermee leggen Gedeputeerde Staten
rekening en verantwoording aan u af over het gevoerde (financiële) beheer en
verder is de jaarrekening voor u een belangrijk ijkmiddel voor de
betrouwbaarheid van de begroting 2002 en de a.s. begroting 2003. Op basis van
deze begrotingen beslist u over de hoogte van de provinciale belastingen en over
het wel of niet doorgaan van belangrijke activiteiten. Ook voor de
(geïnteresseerde) burgers is de jaarrekening een belangrijk document: d.m.v. de
jaarrekening legt u als Staten aan de burgers rekening en verantwoording af van
het door u gevoerde (financiële) beleid en beheer. Het is dus erg belangrijk dat
de jaarrekening en de (a.s.) begroting betrouwbare documenten
zijn.
Is de jaarrekening 2001 van Limburg betrouwbaar?
Nee!
Ik ben geïnteresseerd in hoe gemeenten en
provincies hun jaarrekeningen en begrotingen opmaken. Van die jaarrekeningen en
begrotingen klopt, zo is mijn ervaring, in het algemeen niet veel. Ze zitten
boordevol hoogst onjuiste en inconsistente informatie en boordevol
onzin-teksten. Het zijn daarom in het algemeen hoogst onbetrouwbare documenten.
Om die reden is het volstrekt onverantwoord om op basis van deze begrotingen en
jaarrekeningen gemeenten en provincies te besturen en daarover verantwoording af
te leggen.
Ik heb, zoals eerder de jaarrekening 2000 (zie
mijn brieven aan u van 11 oktober 2001, 31 oktober 2001 en 18 januari 2002, op
welke laatste brief ik overigens nooit een reactie ontving), ook de jaarrekening
2001 van uw provincie beoordeeld. Ook uw jaarrekening 2001, zo is mijn
conclusie, heeft met een jaarrekening, laat staan met een betrouwbare
jaarrekening en dus met een betrouwbaar sturingsmiddel en met een betrouwbaar
verantwoordingsverslag, niets uitstaande. Veel hoogst onjuiste en vooral
onbetrouwbare cijfers, waarvan de meesten van u, het kan niet anders,
ongetwijfeld weinig begrepen zullen hebben. Het is uiteraard jammer van alle
moeite die aan de jaarrekening en aan het bestuderen daarvan besteed
is.
Ook de jaarrekening 2001 van Limburg voldoet in
de verste verten niet aan de meest elementaire eisen die je aan een jaarrekening
mag stellen: op betrouwbare wijze inzicht geven in de omvang van de baten en de
lasten en het saldo daarvan, en in de omvang en samenstelling van het vermogen
en m.n. van de reserves. Uw jaarrekening voldoet derhalve dus ook in de verste
verten niet aan de wettelijke eisen die gesteld worden bij het opmaken en
vaststellen van de jaarrekening.
Wat betreft de baten en de lasten en het saldo
daarvan, suggereren de rekening en de begeleidende teksten bij uw jaarrekening
dat het saldo van de baten en de lasten (overeenkomstig wat in de rekening
opgenomen is) een bedrag van € 11,0 miljoen is. Niets is echter minder
waar!
Bestudering van de jaarrekening leert
dat het saldo van de baten en de lasten volgens de jaarrekening in
werkelijkheid € 19,5 miljoen is. En dat is wel iets anders!
Wat mogen de burgers, belastingbetalers en andere
belanghebbenden en belangstellenden niet weten?
Het verschil wordt op de eerste plaats
veroorzaakt doordat er baten en lasten buiten de rekening zijn gelaten,
d.w.z. buiten de rekening om rechtstreeks zijn toegevoegd aan of in mindering
zijn gebracht van het eigen vermogen. De toelichting bij de balans maakt
duidelijk dat tientallen miljoenen Euro's aan baten en lasten buiten de
rekening zijn gelaten. Het betreft tientallen
posten.
Omdat dit de niet deskundige lezers -
wat de meeste statenleden en andere belanghebbenden en belangstellenden zullen
zijn - gemakkelijk ontgaat en hen dus gemakkelijk op het verkeerde been zet,
wordt dit door de voor u geldende wettelijke voorschriften, i.c. de zogenoemde
Comptabiliteitsvoorschriften (artikel 27), uitdrukkelijk verboden. U moet
alle baten en alle lasten in de rekening opnemen. Als u
dit, zoals de wet en vaste jurisprudentie uitdrukkelijk voorschrijven, gedaan
had, zou de rekening er uiteraard heel anders hebben
uitgezien.
Aan de jaarrekening valt wel te zien dat
er (delen van) baten en lasten buiten de rekening gelaten zijn, er valt niet of
nauwelijks te zien welke baten- en lastenposten het betreft. Dat betekent dat
alle baten- en lastenposten die in de rekening opgenomen zijn,
verdacht zijn en onjuist kunnen zijn.
Als uw rekening correct zou zijn opgemaakt, zou
de rekening eindigen met het door mij genoemde saldo van € 19,5
miljoen.
Het bedrag van € 19,5 miljoen bereken ik
op eenvoudige wijze door het saldo van het eigen vermogen op 31.12.2000 (volgens
uw jaarrekening € 120,4 miljoen) af te trekken van het saldo van het eigen
vermogen op 31.12.2001 (volgens uw jaarrekening € 131,7 miljoen, na correctie
voor ten onrechte op het eigen vermogen in mindering gebrachte aanschafbedragen
van vaste activa van € 8,2 miljoen, derhalve € 139,9 miljoen). Het verschil
(i.c. € 19,5 miljoen) is namelijk, hoe je het ook keert of wendt, per definitie
gelijk aan het saldo van de (= alle) baten en de
lasten.
Wanneer u alle baten en lasten in de rekening zou
hebben opgenomen, zou deze dus geëindigd zijn met een saldo van € 19,5 miljoen.
Dit uiteraard wel onder de veronderstelling dat alle baten en lasten en het
eigen vermogen in begin- en eindbalans juist bepaald en weergegeven zijn.
Aan de jaarrekeningen van de meeste gemeenten en
provincies en ook aan die van Limburg valt echter te ontlenen dat veel baten en
lasten en het eigen vermogen volstrekt onjuist bepaald en dus onjuist
weergegeven zijn.
Aan uw jaarrekening is (ten minste) te ontlenen
dat:
-
een
(onbekend) bedrag van de vaste activa in plaats van aan de debetzijde van de
balans te zijn opgenomen, op één van de posten van de creditzijde van de balans,
in dit geval het eigen vermogen, is afgetrokken. Hierdoor worden de vaste activa
en uiteraard ook het eigen vermogen, i.c. de reserves, voor een te laag en dus
verkeerd bedrag weergegeven. Zo werden nog in 2001 investeringen tot een bedrag
van € 8,2 miljoen ten onrechte in mindering van het eigen vermogen gebracht.
Omdat op deze vaste activa niet wordt afgeschreven, ontbreekt een (onbekend)
bedrag aan afschrijvingslasten in de rekening, waardoor de kosten van veel
activiteiten te laag weergegeven worden.
-
de
rentelasten met een bedrag van € 47.000 te hoog zijn weergegeven, omdat er voor
dit bedrag in de rekening fictieve rentelasten zijn opgenomen terzake van niet
bestaande schulden.
-
onder de voorzieningen ten minste een voorziening uit hoofde van
pensioenverplichtingen jegens (oud-)gedeputeerden ontbreekt. Hierdoor wordt het
eigen vermogen, i.c. de reserves, te hoog en dus verkeerd
voorgesteld.
-
onder de verplichtingen (i.c. voorzieningen en schulden) de
verplichtingen uit hoofde van vakantiedagen
ontbreken.
Omdat uw jaarrekening veel belangrijke en
wettelijk voorgeschreven (!) toelichtingen op de reserves en op de voorzieningen
mist (alleen al om deze reden voldoet de jaarrekening niet aan de geldende
wettelijke voorschriften, i.c. de Comptabiliteitsvoorschriften), ontbreekt
voldoende mogelijkheid nader te onderzoeken hoe hard het "reservekarakter" van
de als reserves gepresenteerde bedragen c.q. "voorzieningkarakter" van de als
zodanig gepresenteerde voorzieningen is.
Door deze tekortkomingen in de
presentatie van de vaste activa, de verplichtingen en het eigen vermogen stelt
de jaarrekening ook niet in staat door vermogensvergelijking het werkelijke
saldo van de baten en lasten af te lezen. Kortom, aan de jaarrekening is wèl te
ontlenen dat het saldo van de baten en de lasten niet het door u
gesuggereerde bedrag van € 11,0 miljoen is, maar stelt overigens niet in staat
te zien wat dan het saldo van de baten en de lasten wèl
is.
Kortom,
de jaarrekening van Limburg stelt volstrekt niet
in staat om een oordeel, laat staan een verantwoord oordeel, te vormen over de
financiële positie en over de baten en de lasten en het saldo daarvan. En daar
ging het toch in eerste instantie om! De jaarrekening voldoet alleen daarom al
niet aan belangrijke wettelijke voorschriften. Dat betekent dat de jaarrekening
totaal ongeschikt is als sturings- en verantwoordingsinstrument. Dat betekent
dat u bijvoorbeeld de geïnteresseerde burger, maar, naar ik aanneem, ook uzelf,
belangrijke informatie onthoudt, informatie waar de burger en uzelf wel degelijk
recht op hebben!
Ik denk dat u ervan uit kunt gaan dat ook uw
begroting 2002 op dezelfde wijze als de jaarrekening is opgemaakt en dat u die
dus, net zoals uw jaarrekening, maar beter meteen bij het oud papier kunt
wegdoen. Wat heb je aan 100-en pagina's volstrekt onbetrouwbare
informatie?
Het is volstrekt onverantwoord om met behulp van
dit soort begrotingen een provincie te besturen.
Voor u als provinciebestuur hebben bovenstaande
constateringen nog een extra bijzonderheid. U kunt er vanuit gaan dat ook de
jaarrekeningen en begrotingen van de (meeste) gemeenten in uw provincie, op
dezelfde wijze zoals bij u, een volstrekt verkeerd beeld geven van de reserves
en van (het saldo van) de baten en de lasten. Deze begrotingen en jaarrekeningen
zijn dus totaal ongeschikt voor de provincie (i.c. het college van gedeputeerde
staten) om financieel toezicht op deze gemeenten uit te
oefenen.
Ik denk dat er alle aanleiding is dat u de
jaarrekening (en de genoemde begroting) volledig laat overmaken en dat de
burgers en uzelf een jaarrekening krijgen die wèl betrouwbaar
is.
Ten minste heeft de belangstellende burger, maar
ook uzelf, recht op een antwoord op de volgende vragen:
-
Wat
is het werkelijke saldo van de baten en lasten van de provincie over
2001?
-
Wat
is de werkelijke omvang van de reserves einde
2001?
In Vrij Nederland van 2 maart
2002 werd onder de titel Gemeenten verbergen miljarden een overzicht
gepubliceerd van de door de 30 grote gemeenten in hun jaarrekeningen 2000
verzwegen miljarden. De 30 grote gemeenten verzwegen ruim ƒ 3,8 miljard. Uit
hetzelfde onderzoek, maar niet gepubliceerd, bleek dat de twaalf provincies
gezamenlijk ruim ƒ 1 miljard hadden verzwegen. Limburg "schitterde" in dat
onderzoek met een verzwegen bedrag van ƒ 28 miljoen. In het overzicht over 2001
zal Limburg dus weer voorkomen; nu met een verzwegen bedrag van € 8,5
miljoen. In De Telegraaf van 6 juli 2002
las u Gemeenten verbloemen eigen financiële situatie. Honderden miljoenen
buiten boekhoudingen gehouden. Hetzelfde geldt voor provincies. Limburg
hoort daar dus ook bij.
Uw reactie te vernemen stel ik op
prijs.
Met vriendelijke groet en
hoogachting,
L.W. Verhoef