Reactie NIVRA inzake Verhoef
De afgelopen jaren is er kritiek geuit op vermeende onjuistheden in
de jaarrekening van gemeenten. De kritiek richtte zich vooral op de
verslaggevingsregels van het ministerie van Binnenlandse Zaken waaraan
gemeenten, provincies en accountants zich moeten
houden. Belangrijkste punt van kritiek was dat gemeenten zich in hun
jaarrekening armer voordeden dan ze feitelijk waren. Gesuggereerd werd dat ze bepaalde inkomsten buiten de jaarrekening
zouden houden, met als gevolg een te hoog niveau van gemeentelijke
belastingen.
Nu was het buiten de jaarrekening houden van
inkomsten niet aan de orde: de goedgekeurde jaarrekeningen gaven wel degelijk
een getrouw beeld. Het misverstand kwam voort uit het feit dat de
resultatenrekening niet alle inkomsten en uitgaven
bevatte. Een deel van de inkomsten was namelijk
rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen. Hoewel deze wijze van boeken volgens de
regels en op democratische wijze tot stand kwam (iedere
post was goedgekeurd door de gemeenteraad), belemmerde het toch een helder inzicht in de
staat van de gemeentefinanciën.
Met de invoering van het BBV per 1 januari 2005 zijn veel van
de kritiekpunten weggenomen. Zo kunnen inkomsten niet meer direct ten gunste van het vermogen
worden geboekt, maar moeten via de resultatenrekening lopen. Deze praktijk, in
het bedrijfsleven reeds lang gehanteerd, maakt de feitelijke baten en lasten
beter zichtbaar.
Op basis van de ervaringen
in 2005 is gebleken dat bepaalde punten nog kunnen worden
verbeterd. Het NIVRA wil in samenwerking met onder andere de Commissie BBV, het
ministerie van Binnenlandse Zaken en zo mogelijk de Raad voor de
Jaarverslaggeving hierover adviseren. Uitgangspunten zijn hierbij onder meer: de
internationale verslaggevingsregels van overheden, de ontwikkelingen bij de
rijksoverheid, en de vraag in welke mate de eigenheid van een bepaalde sector
een rol moet spelen.
Voor wat betreft
Verhoef: zijn kritiek was terecht
voorzover de
weergave in jaarrekeningen van vóór 2004 niet consistent en helder
was. Van een onjuíste weergave was echter geen
sprake, laat staan van
fraude. De goedkeurende
verklaringen van accountants zijn terecht gegeven, hetgeen diverse
malen door de tuchtrechter is bevestigd. Het probleem lag
dan ook bij de verslaggevingsregels, een situatie die
inmiddels aanmerkelijk is verbeterd (hoewel het altijd nóg beter
kan).
Het NIVRA overweegt
geen klacht tegen Verhoef. De tuchtrechter heeft zich de afgelopen jaren
herhaaldelijk uitgesproken in de procedures die door en tegen hem zijn
aangespannen. Een nieuwe
tuchtprocedure zou hier weinig meer toevoegen.
Hierna dezelfde reactie maar nu aangevuld met commentaar (in rood) van Leo Verhoef.
Reactie NIVRA inzake Verhoef
De afgelopen jaren is er kritiek geuit op vermeende onjuistheden in
de jaarrekening van gemeenten. De kritiek richtte zich vooral op de
verslaggevingsregels van het ministerie van Binnenlandse Zaken waaraan
gemeenten, provincies en accountants zich moeten
houden.
Mijn kritiek richtte zich NIET op de verslaggevingsregels, maar op de misleidende cijfers. Dat is
iets heel anders.
Het NIVRA realiseert zich blijkbaar niet dat een
accountantsverklaring bij een jaarrekening twee geheel verschillende
onafhankelijke oordelen weergeeft:
1. de jaarrekening geeft wel/niet een betrouwbaar beeld van omvang
en samenstelling van vermogen en van baten en lasten en saldo
daarvan;
2. de jaarrekening voldoet wel/niet aan wettelijke
verslaggevingsregels.
Mijn kritiek was dat die jaarrekeningen GEEN betrouwbaar beeld
gaven van die omvang en samenstelling van dat vermogen en dat
resultaat.
Mijn kritiek was OOK dat die jaarrekeningen NIET voldeden aan de
wettelijke eisen, omdat die eis(t)en:
a.
de jaarrekening van een gemeente moet betrouwbaar zijn, opgemaakt volgens
'normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden
beschouwd' (artikel 3);
b. de winst-en-verliesrekening moet alle baten en lasten bevatten
en moet het saldo geven van alle baten en lasten (artikel
27).
Belangrijkste punt van kritiek was dat gemeenten zich in hun
jaarrekening armer voordeden dan ze feitelijk waren.
Dat is NOOIT mijn punt van kritiek geweest. Mijn kritiek was dat er
baten en lasten buiten de winst-en-verliesrekening werden gehouden en dat wat
als saldo van baten en lasten werd gepresenteerd (het onvolledige saldo van de
onvolledige winst-en-verliesrekening), NIET het saldo was van alle baten en
lasten.
Gesuggereerd werd dat ze bepaalde inkomsten buiten de jaarrekening
zouden houden, met als gevolg een te hoog niveau van gemeentelijke
belastingen.
Dat heb ik NOOIT gesuggereerd.
Nu was het buiten de jaarrekening houden van
inkomsten niet aan de orde: de goedgekeurde jaarrekeningen gaven wel degelijk
een getrouw beeld.
Een jaarrekening met een onvolledige winst-en-verliesrekening
geeft GEEN 'getrouw' (= betrouwbaar)
beeld van de omvang en samenstelling van de baten en lasten en het
saldo daarvan en voldoet niet aan 'normen die in het maatschappelijk
verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd', als bovendien nergens in de
toelichting melding wordt gemaakt van het feit dat er behalve de in de
winst-en-verliesrekening opgenomen baten en lasten ook nog andere baten
en lasten zijn, laat staan welke baten en lasten dat zijn, en bovendien
expliciet en herhaaldelijk het onvolledige saldo van de onvolledige
winst-en-verliesrekening als het volledige saldo wordt gepresenteerd.
De accountant zit dan ook nog eens goed fout omdat zijn
verklaring ook alles dekt wat tezamen met de jaarrekening wordt gepubliceerd en
iets over die jaarrekening zegt.
Het misverstand kwam voort uit het feit dat de
resultatenrekening niet alle inkomsten en uitgaven
bevatte.
Dit is geen misverstand maar een eenvoudige
constatering.
Het NIVRA geeft hier dus toe dat Leo Verhoef helemaal
gelijk had (en heeft) over buiten de resultatenrekening gelaten baten en lasten.
Daar had het NIVRA het bij moeten laten. De rest van het verhaal is koeterwaals, rookgordijnen en een heleboel mist.
Een deel van de inkomsten was namelijk
rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen.
Dit is waar, maar dit is boekhoudtechniek;
techniek waar de niet-accountant-lezer helemaal niets van
begrijpt. Bovendien is het maar ten dele waar: het ging vaak om heel veel baten èn lasten.
Hoewel deze wijze van boeken volgens de
regels ...
Het ging NIET volgens de (wettelijke)
regels!
... en op democratische wijze tot stand kwam (iedere
post was goedgekeurd door de gemeenteraad), ...
Dus als iets 'democratisch tot stand komt' is het niet meer
fout, is het niet meer laakbaar, is het niet meer strafbaar? Moest het NIVRA
maar eens aan de vroegere Ahold-top gaan vertellen. Daar hebben ze ook heel democratisch
besloten side letters te maken en te ondertekenen en foute jaarrekeningen te
maken!
Bovendien: weten/wisten die
gemeenteraadsleden veel waartoe ze besloten. Dat heeft een niveau van drie keer
helemaal niets.
... belemmerde het toch een helder inzicht in de
staat van de gemeentefinanciën.
Dus zegt het NIVRA dat er inderdaad sprake was van belemmering van een helder beeld, dus van een niet-getrouw beeld!
En wat is eigenlijk "de staat van de gemeentefinanciën"?
Met de invoering van het BBV per 1 januari 2005 zijn veel van
de kritiekpunten weggenomen.
O ja, welk onderzoek heeft dat uitgewezen? Mij is niets
gevraagd! Welke kritiekpunten zijn dan weggenomen?
Waren er dan kritiekpunten? Nee toch, gezien al die goedkeurende
accountantsverklaringen?
Ook dat nieuwe BBV heeft een hoog amateuristisch
knoeiwerk-gehalte.
Maar nogmaals, het heeft met wettelijke regels helemaal niets
uistaande.
Kijk voor mijn bevindingen over de jaarrekeningen 2004 (onder dat
BBV) in de lijst "Uw gemeente en provincie". De
ongelofelijke amateuristische knoeiboel gaat gewoon door. Met alweer allemaal goedkeurende
accountantsverklaringen.
Zo kunnen inkomsten niet meer direct ten gunste van het vermogen
worden geboekt, maar moeten via de resultatenrekening lopen. Deze praktijk, in
het bedrijfsleven reeds lang gehanteerd, maakt de feitelijke baten en lasten
beter zichtbaar.
Dus die feitelijke baten en lasten waren inderdaad, zoals Leo
Verhoef zei en zegt, niet zichtbaar?
Op basis van de ervaringen ...
Welke ervaringen, van wie?
... in 2005 is gebleken dat bepaalde punten nog kunnen worden
verbeterd.
Welke punten? In de jaarrekeningen? In de wettelijke
regels?
Het NIVRA wil in samenwerking met onder andere de Commissie BBV, het
ministerie van Binnenlandse Zaken en zo mogelijk de Raad voor de
Jaarverslaggeving ...
Doet Leo Verhoef ook nog mee?
... hierover adviseren. Uitgangspunten zijn hierbij onder meer: de
internationale verslaggevingsregels van overheden, de ontwikkelingen bij de
rijksoverheid, en de vraag in welke mate de eigenheid van een bepaalde sector
een rol moet spelen.
Voor wat betreft
Verhoef: zijn kritiek was terecht ...
Dus Leo Verhoef
had/heeft gelijk!
... voorzover de
weergave in jaarrekeningen van vóór 2004 niet consistent en helder
was.
Mijn kritiek had GEEN
betrekking op 'consistent' en 'helder'. Mijn kritiek was is iets heel
anders!
Van een onjuíste weergave was echter geen
sprake, ...
Merkwaardige
uitspraak. Het NIVRA zegt eerst dat er inderdaad baten en lasten buiten de
winst-en-verliesrekeningen werden gehouden. Er was dan dus WEL sprake van een
onjuiste weergave!
... laat staan van
fraude.
Ik heb het NOOIT
gehad over 'fraude' maar altijd over 'boekhoudfraude' (een uiterst ongelukkige
vertaling van het Engelse 'accounting fraud'). Boekhoudfraude heeft met 'fraude'
helemaal niets uitstaande, maar is wat in ons Wetboek van Strafrecht wordt
genoemd: valsheid in geschrifte.
De goedkeurende
verklaringen van accountants zijn terecht gegeven, ...
Die goedkeurende
verklaringen zijn dus NIET terecht gegeven!
... hetgeen diverse
malen door de tuchtrechter is bevestigd.
Dat heeft die
tuchtrechter NOOIT gezegd! Wat de tuchtrechter wèl zei, is uitgebreid te lezen in "Dossier: Tuchtzaken".
Het probleem lag
dan ook bij de verslaggevingsregels, ...
Het probleem lag NIET
bij de verslaggevingsregels.
... een situatie die
inmiddels aanmerkelijk is verbeterd (hoewel het altijd nóg beter
kan).
Dat BBV is heel wat
slechter dan die oude CV. Het probleem was dat niemand zich aan die CV hield.
(Hoewel die CV hier en daar wel een redactionele verbetering hadden kunnen
gebruiken.)
Het NIVRA overweegt
geen klacht tegen Verhoef.
Wat
had die klacht dan moeten zijn? Dat Verhoef maar niet ophoudt te roepen
dat de jaarrekeningen van de meeste gemeenten en provincies zwaar
misleidend zijn en dus ten onrechte van goedkeurende
accountantsverklaringen zijn voorzien?
De tuchtrechter heeft zich de afgelopen jaren
herhaaldelijk uitgesproken in de procedures die door en tegen hem zijn
aangespannen.
Het NIVRA laat er
zich niet over uit wat die tuchtrechter wel en vooral NIET heeft uitgesproken. In het "Dossier: Tuchtzaken" is hierover een
boeiend verhaal te lezen.
Een nieuwe
tuchtprocedure zou hier weinig meer toevoegen.
Ongelofelijk,
wat een knoeiwerk van het bestuur van het Koninklijk NIVRA. Daar is het
maatschappelijk verkeer, dat accountants altijd zo hoog zit, beslist
niet mee gebaat. Dat is gebaat bij betrouwbare jaarrekeningen van
gemeenten en provincies. Dat is niet gebaat met het broddelwerk dat de
meeste van die jaarrekeningen zijn en niet met het broddelwerk van de
accountants die dat broddelwerk van goedkeurende verklaringen voorzien
en niet met het broddelwerk van een Raad van Tucht die die knoeiende
accountants vrijuit laat gaan en niet met dit broddelwerk van het
bestuur van de beroepsgroep van die accountants.