drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede
Wijk bij
Duurstede,
13 mei 2003
Gemeenteraad
van
Gemeente
Rotterdam
Postbus
70012
3000 KP
Rotterdam
Betreft: Jaarrekening 2002
Het
batig saldo over het jaar 2002 bedraagt € 16,5 miljoen
Aldus de
suggestie in uw jaarverslag over 2002
Is deze
suggestie juist?
Nee, want het saldo is in
werkelijkheid € 90,3 miljoen!
Dat
scheelt dus € 73,8 miljoen
Boekhoudfraude
dus!
Geachte
Raad,
Voor u als gemeenteraad is
de jaarrekening van uw gemeente een belangrijk document: hiermee legt het
college van burgemeester en wethouders rekening en verantwoording aan u af over
het gevoerde (financiële) beheer en verder is de jaarrekening voor u een
belangrijk ijkmiddel voor de betrouwbaarheid van de begrotingen 2002 en 2003 en
binnenkort de begroting 2004. Op basis van deze begrotingen beslist u over de
hoogte van de gemeentelijke belastingen en over het wel of niet doorgaan van
belangrijke activiteiten. Ook voor de (geïnteresseerde) burgers is de
jaarrekening een belangrijk document: d.m.v. de jaarrekening legt het
gemeentebestuur aan de burgers rekening en verantwoording af van het gevoerde
(financiële) beheer. Het is dus erg belangrijk dat de jaarrekening en de
begroting betrouwbare documenten zijn.
Is de jaarrekening 2002 van
Rotterdam betrouwbaar? Nee!
Ik ben geïnteresseerd in
hoe gemeenten en provincies hun jaarrekeningen en begrotingen opmaken. Van die
jaarrekeningen en begrotingen klopt, zo is mijn ervaring, in het algemeen niet
veel. Ze zitten boordevol hoogst onjuiste en inconsistente informatie en
boordevol onzin-teksten. Het zijn daarom in het algemeen hoogst onbetrouwbare
documenten. Om die reden is het volstrekt onverantwoord om op basis van deze
begrotingen en jaarrekeningen gemeenten en provincies te besturen en daarover
verantwoording af te leggen.
Ik heb, zoals eerder de
jaarrekeningen van de afgelopen paar jaar (zie mijn eerdere brieven aan u), ook
de jaarrekening 2002 van uw gemeente beoordeeld. Ook uw jaarrekening 2002, zo is
mijn conclusie, heeft met een jaarrekening, laat staan met een betrouwbare
jaarrekening en dus met een betrouwbaar sturingsmiddel en met een betrouwbaar
verantwoordingsverslag, niets uitstaande. Veel hoogst onjuiste en vooral
onbetrouwbare cijfers en onzin-teksten (vooral waar het gaat over zoiets als
"Vermogensresultaat" en "Exploitatieresultaat" en over reserves en
weerstandsvermogen is het echt pure lariekoek!), waarvan de meesten van u, het
kan niet anders, ongetwijfeld weinig begrepen zullen hebben. Het is uiteraard
jammer van alle moeite die aan de jaarrekening en aan het bestuderen daarvan
besteed is.
Ook de jaarrekening 2002
van Rotterdam voldoet in de verste verten niet aan de meest elementaire eisen
die je aan een jaarrekening mag stellen: op betrouwbare wijze inzicht geven in
de omvang van de baten en de lasten en het saldo daarvan, en in de omvang en
samenstelling van het vermogen en m.n. van de reserves. Uw jaarrekening voldoet
derhalve dus ook in de verste verten niet aan de wettelijke eisen die gesteld
worden bij het opmaken en vaststellen van de jaarrekening.
Wat betreft de baten en de
lasten en het saldo daarvan, suggereren de rekening en de begeleidende teksten
bij uw jaarrekening dat het saldo van de baten en de lasten een bedrag van
€ 16,5 miljoen is. Niets is echter
minder waar!
(Dat lijkt af te wijken van
het saldo van de winst- en verliesrekening van € 0, maar in die winst- en
verliesrekening is kunstmatig het voordelig saldo van € 16,5 miljoen als
kostenpost verwerkt, waardoor de rekening met een saldo van € 0
eindigt.)
Bestudering van de
jaarrekening leert dat het saldo van de baten en de lasten in werkelijkheid
€ 90,3 miljoen is. En dat is wel iets anders!
Wat mogen de burgers,
belastingbetalers en andere belanghebbenden en belangstellenden niet
weten?
Het verschil wordt op de
eerste plaats veroorzaakt doordat er baten en lasten buiten de rekening
zijn gelaten, d.w.z. buiten de rekening om rechtstreeks zijn toegevoegd aan of
in mindering zijn gebracht van het eigen vermogen. De toelichting bij de balans
maakt duidelijk dat honderden miljoenen Euro's aan baten en lasten buiten de
rekening zijn gelaten. Het betreft tientallen posten.
Omdat dit de niet
deskundige lezers - wat de meeste gemeenteraadsleden en andere belanghebbenden
en belangstellenden zullen zijn - gemakkelijk ontgaat en hen dus gemakkelijk op
het verkeerde been zet, wordt dit door de voor u geldende wettelijke
voorschriften, i.c. de zogenoemde Comptabiliteitsvoorschriften (artikel 27),
uitdrukkelijk verboden. U moet alle baten en alle lasten in
de rekening opnemen. Als u dit, zoals de wet en vaste jurisprudentie
uitdrukkelijk voorschrijven, gedaan had, zou de rekening er uiteraard heel
anders hebben uitgezien.
Aan de jaarrekening valt
wel te zien dat er (delen van) baten en lasten buiten de rekening gelaten zijn,
er valt niet of nauwelijks te zien welke baten- en lastenposten het betreft. Dat
betekent dat alle baten- en lastenposten die in de rekening opgenomen
zijn, verdacht zijn en onjuist kunnen zijn.
Als uw rekening correct zou
zijn opgemaakt, zou de rekening eindigen met het door mij genoemde saldo van
€ 90,3 miljoen.
Het bedrag van € 90,3
miljoen bereken ik op eenvoudige wijze door het saldo van het eigen vermogen op
31.12.2001 (volgens uw jaarrekening € 1.072,0 miljoen) af te trekken van het
saldo van het eigen vermogen op 31.12.2002 (volgens uw jaarrekening € 1.162,3
miljoen). Het verschil (i.c. € 90,3 miljoen) is namelijk, hoe je het ook keert
of wendt, per definitie gelijk aan het saldo van de (= alle) baten en de
lasten.
(In dit kader maak ik u
erop attent dat het saldo van het Eigen vermogen per 31 december 2001 volgens de
jaarrekening 2002 afwijkt van dat volgens de jaarrekening 2001. Dat duidt op een
geweldige fout in de consistentie tussen de jaarrekeningen 2001 en
2002!)
Wanneer u alle baten en
lasten in de rekening zou hebben opgenomen, zou deze dus geëindigd zijn met een
saldo van € 90,3 miljoen. Dit uiteraard wel onder de veronderstelling dat alle
baten en lasten en het eigen vermogen in begin- en eindbalans juist bepaald en
weergegeven zijn.
Aan de jaarrekeningen van
de meeste gemeenten en provincies en ook aan die van Rotterdam valt echter te
ontlenen dat veel baten en lasten en het eigen vermogen volstrekt onjuist
bepaald en dus onjuist weergegeven zijn.
Aan uw jaarrekening is (ten
minste) te ontlenen dat:
- de rentelasten met een
(overigens onbekend) bedrag te hoog zijn weergegeven, omdat er voor dit bedrag
in de rekening fictieve rentelasten zijn opgenomen terzake van niet bestaande
schulden.
- onder het eigen vermogen
verschillende bedragen voorkomen die in het geheel geen reserves zijn, maar
verplichtingen. Hierdoor wordt het eigen vermogen, i.c. de reserves, te hoog en
dus verkeerd voorgesteld. Hierdoor worden ook de baten en de lasten die met deze
"reserves" samenhangen, geheel verkeerd in de rekening weergegeven. Ten minste
geldt dit voor de nog niet bestede geoormerkte
rijkssubsidies.
- onder de verplichtingen
(i.c. voorzieningen en schulden) de verplichtingen uit hoofde van bijvoorbeeld
vakantiegeld en vakantiedagen ontbreken.
Omdat uw jaarrekening veel
belangrijke en wettelijk voorgeschreven (!) toelichtingen op de reserves en op
de voorzieningen mist (alleen al om deze reden voldoet de jaarrekening op een
zeer belangrijk onderdeel niet aan de geldende wettelijke voorschriften, i.c. de
Comptabiliteitsvoorschriften), ontbreekt voldoende mogelijkheid nader te
onderzoeken hoe hard het "reservekarakter" van de als reserves gepresenteerde
bedragen c.q. "voorzieningkarakter" van de als zodanig gepresenteerde
voorzieningen is.
Door deze tekortkomingen in
de presentatie van de verplichtingen en het eigen vermogen stelt de jaarrekening
ook niet in staat door vermogensvergelijking het werkelijke saldo van de baten
en lasten af te lezen. Kortom, aan de jaarrekening is wèl te ontlenen dat het
saldo van de baten en de lasten niet het gesuggereerde bedrag van € 16,5
miljoen is, maar stelt overigens niet in staat te zien wat dan het saldo van de
baten en de lasten wèl is.
Kortom,
de jaarrekening van Rotterdam stelt
volstrekt niet in staat om een oordeel, laat staan een verantwoord oordeel, te
vormen over de financiële positie en over de baten en de lasten en het saldo
daarvan. En daar ging het toch in eerste instantie om! De jaarrekening voldoet
alleen daarom al niet aan belangrijke wettelijke voorschriften. Dat betekent dat
de jaarrekening totaal ongeschikt is als sturings- en verantwoordingsinstrument.
Dat betekent dat u bijvoorbeeld de geïnteresseerde burger, maar, naar ik
aanneem, ook uzelf, belangrijke informatie onthoudt, informatie waar de burger
en uzelf wel degelijk recht op hebben!
Ik denk dat u ervan uit
kunt gaan dat ook uw begroting 2003 op dezelfde wijze als de jaarrekening is
opgemaakt en dat u die dus, net zoals uw jaarrekening, maar beter meteen bij het
oud papier kunt wegdoen. Wat heb je aan 100-en pagina's volstrekt onbetrouwbare
informatie?
Het is volstrekt
onverantwoord om met behulp van dit soort begrotingen een gemeente te
besturen.
Ik denk dat er alle
aanleiding is dat u de jaarrekening (en de genoemde begroting) volledig laat
overmaken en dat de burgers en uzelf een jaarrekening krijgen die wèl
betrouwbaar is.
Ten minste heeft de
belangstellende burger, maar ook uzelf, recht op een antwoord op de volgende
vragen:
- Wat is het werkelijke saldo
van de baten en lasten van de gemeente over 2002?
- Wat is de werkelijke omvang
van de reserves einde 2002?
In Vrij Nederland
van 2 maart 2002 werd onder de titel Gemeenten verbergen miljarden een
overzicht gepubliceerd van de door de 30 grote gemeenten in hun jaarrekeningen
2000 verzwegen miljarden. De 30 grote gemeenten verzwegen ruim ƒ 3,8 miljard.
Rotterdam "schitterde" ook in dat overzicht met een verzwegen bedrag van ƒ 342
miljoen. In een dergelijk overzicht over 2002 zal Rotterdam dus weer voorkomen;
nu met een verzwegen bedrag van (per saldo) € 73,8
miljoen. In De Telegraaf van
6 juli 2002 las u Gemeenten verbloemen eigen financiële situatie. Honderden
miljoenen buiten boekhoudingen gehouden. Rotterdam hoort daar dus ook
bij.
Uw reactie te vernemen stel
ik op prijs.
Met vriendelijke groet en
hoogachting,
L.W.
Verhoef