drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede
Wijk bij Duurstede, 26 september 2011
College van procureurs-generaal
Postbus 20305
2500 EH Den Haag
Betreft:
Aangifte van misdrijf van boekhoudfraude (Wetboek van Strafrecht
artikelen 225-227 en 336) door gemeentebestuur(ders) van
gemeente Amsterdam
Geacht College,
Met mijn brief dd. 15 september
jl. deed ik u een afschrift toekomen van mijn (herhaalde) aangifte
van boekhoudfraude bij gemeente Amsterdam van circa € 3,7 miljard
(een boekhoudfraude waarbij die bij Ahold totaal verbleekt!).
Ik schreef u daarbij:
"Omdat ik op
voorhand geen enkel vertrouwen heb in de deskundigheid en zelfs maar
de wil om tot strafrechtelijk onderzoek over te gaan bij het parket
te Amsterdam, verzoek ik uw College dringend kennis te nemen van mijn
bijgaande oorspronkelijke aangifte dd. 16 november 2010 en mijn
bijgaande weerlegging van de afwijzing en de uitbreiding van mijn
aangifte dd. 15 september 2011.
Ik verzoek uw College
dringend erop toe te zien dat thans wèl tot strafrechtelijke
vervolging wordt overgegaan."
Nog voordat u de kans kreeg te
reageren, heeft de betreffende Officier van Justitie mij al inmiddels
met zijn brief dd. 23 september jl. laten weten niets met mijn
aangifte(n) te zullen doen, omdat "geen nieuwe feiten en
omstandigheden gebleken zijn", alsof de door mij in mijn
aangifte(n) genoemde feiten en omstandigheden al niet erg genoeg
waren.
Ik verzoek uw College nogmaals
dringend thans wèl tot strafrechtelijke vervolging te zullen
overgaan, c.q. een andere Officier, thans wèl terzake deskundig, aan
te wijzen.
Ik verneem graag van u.
Met hoogachting,
L.W. Verhoef
Bijlage: Brief van Officier van
Justitie dd. 23 september 2011