drs.
L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard
13
3962
JR Wijk bij Duurstede
Wijk
bij Duurstede,
8 december 2004
Gerechtshof
te 's-Gravenhage
Postbus
20302
2500
EH 's-Gravenhage
Betreft: Wetboek
van Strafvordering artikel 12-procedure
Vervolging
boekhoudfraude Provincie Zuid-Holland
Uw
brief d.d. 7 december 2004, kenmerk: 04293K10
Geacht
Hof,
Met
mijn brief van 29 november 2004 diende ik bij uw Gerechtshof een
klacht in op grond van Wetboek van Strafvordering artikel 12 vanwege
het niet tot vervolging overgaan na mijn aangifte van valsheid in
geschrifte in de jaarrekening (populair aangeduid met:
"boekhoudfraude") van provincie Zuid-Holland. Met uw brief
van 7 december 2004 verzoekt u mij de gronden van het beklag
uiterlijk 1 februari 2004 aan u kenbaar te maken.
Allereerst
denk ik dat u 1 februari 2005 bedoelt waar u 1 februari 2004 zegt.
Vervolgens
denk ik dat eerst het Openbaar Ministerie uiteen zal moeten zetten
waar mijn aangifte gebleven is, wat er tot op heden met mijn aangifte
gebeurd is, waarom tot op heden met mijn aangifte niets gebeurd is,
en wat er met mijn aangifte zal gaan gebeuren. Pas als duidelijk is
wat het Openbaar Ministerie van mijn aangifte vindt, kan ik laten
weten wat ik daarvan vind.
Ik
wacht dus, tenzij u mij anders laat weten, eerst uw bericht af over
wat het Openbaar Ministerie van mijn aangifte vindt.
Met
hoogachting,
L.W.
Verhoef