drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij
Duurstede
Pleitnota
van
drs. L.W. Verhoef RA
in
de zaak
L.W.
Verhoef
tegen
J.A.
van Buren RA en drs. J. de Groot RA
voor
de Raad van Tucht voor Registeraccountants
en
Accountant-Administratieconsulenten
te
's-Gravenhage
Zaak:
1056/03.47
Zitting:
13 februari 2006
1.
Het
verhaal van de ongekende en ongebreidelde boekhoudfraude bij menige
gemeente wordt met de dag bizarder. U kon er nog zeer onlangs over
lezen in Panorama
van 1 februari 2006 (zie:
www.leoverhoef.nl/media/Panorama01022006.pdf)
Heel
veel meer over deze ongelofelijke zaak leest u op www.leoverhoef.nl
.
U
leest hier over een boekhoudfraudeschandaal waarbij de Ahold-zaak
totaal verbleekt. U leest hier dat de circa 20 gevallen waarvan ik
bij Justitie aangifte deed, een omvang heeft van circa 5 miljard
euro! U leest hier over goedkeurende accountantsverklaringen bij
jaarrekeningen die van geen kant deugen. U leest hier over mijn
correspondentie met het bestuur van het NIVRA over deze misstand. Een
correspondentie met een verbijsterende inhoud. U leest hier ook over
verbijsterende uitspraken van de Raad van Tucht voor Accountants te
Amsterdam en van het College van Beroep in de door mij aangespannen
tuchtzaken. U leest hier ook hoe ik hierover mijn beklag deed bij de
President van dat College. U leest hier ook hoe alles en iedereen
zich achter elkaar verschuilt om toch maar niets aan deze ongekende
misstand te hoeven doen. De schade die hieruit inmiddels is
voortgevloeid, is enorm! (Afgezien van de schade aan mìjn
persoon!)
Ik
verzoek u met alle klem, wilt u naar mijn mening de onderhavige zaak
goed begrijpen, kennis te nemen van de inhoud van www.leoverhoef.nl,
ten minste van de zojuist door mij genoemde onderwerpen.
2.
De
winst-en-verliesrekening van gemeente Dordrecht over 2000 sloot met
een saldo van baten en lasten van € 12,4 miljoen. Het
werkelijke saldo was € 143,5 miljoen. Er werd dus € 131,1 miljoen
verzwegen. Met goedkeurende accountantsverklaring en al.
Intussen
zijn we enkele jaren verder. Mede dankzij onbekwame accountants,
bestuur van het NIVRA, Raad van Tucht en College van Beroep,
Justitie, ministers en wie al niet, kunnen we februari 2006 noteren:
De
winst-en-verliesrekening over 2001 sloot met een saldo van baten en
lasten van € 3,9 miljoen. Het werkelijke saldo was € 15,4
miljoen. Er werd dus € 11,5 miljoen verzwegen.
De
winst-en-verliesrekening over 2002 sloot met een saldo van baten en
lasten van € 16,3 miljoen. Het werkelijke saldo was € 55,0
miljoen. Er werd dus € 38,7 miljoen verzwegen.
De
winst-en-verliesrekening over 2003 sloot met een saldo van baten en
lasten van € 94,2 miljoen. Het werkelijke saldo was € 66,3
miljoen. Er werd dus € 27,9 miljoen verzwegen.
De
winst-en-verliesrekening over 2004 sloot met een saldo van baten en
lasten van € 17,4 miljoen. Het werkelijke saldo was € 16,0
miljoen. Er werd dus € 1,4 miljoen verzwegen.
Alle
jaarrekeningen waren wederom, alweer geheel ten onrechte, voorzien
van een goedkeurende accountantsverklaring.
Daarmee
bedraagt de boekhoudfraude over deze jaren (per saldo) ruim € 160
miljoen. Ruim voldoende om bijvoorbeeld de OZB van de afgelopen 5
jaren volledig terug te geven aan de burgers van wie deze belasting
dus onder valse voorwendsels afhandig is gemaakt.
De
schade is dus enorm!
3.
Naar
mijn mening is mijn aan uw Raad voorgelegde klacht glashelder. Dus is
het, denk ik, niet nodig, die nu te herhalen.
4.
De
winst-en-verliesrekening 2000 van gemeente Dordrecht eindigt met een
voordelig saldo van € 12,4 miljoen. In werkelijkheid was er een
voordelig saldo van € 143,5 miljoen. Er ontbreken dus baten en
lasten in die winst-en-verliesrekening van per saldo zo'n € 131
miljoen. Er wordt nergens in de jaarrekening melding gemaakt van het
feit dat er baten en lasten ontbreken in de winst-en-verliesrekening.
Er wordt geen melding gemaakt van het feit dat het saldo van de baten
en de lasten een ander bedrag is dan dat de winst-en-verliesrekening
suggereert. Integendeel, het verkeerde beeld wordt zelfs expliciet
als juist bevestigd. De jaarrekening is dus zwaar misleidend. Dit
feit is door betrokkenen niet ontkend.
5.
De
onderhavige klacht (bestaande uit drie klachtonderdelen) is volkomen
nieuw.
Betrokkenen
roepen wel steeds en heel hard dat het gaat om "ouwe koeien uit
de sloot", maar betrokkenen hebben nergens maar dan ook nergens
maar enige vindplaats in uitspraken van Raad van Tucht en/of College
van Beroep genoemd waaruit dat zou moeten blijken.
Toepassing
van "ne bis in idem" is dus niet aan de orde.
6.
De
Raad van Tucht te Amsterdam heeft in soortgelijke klachten als de
onderhavige uitgesproken dat er sprake zou zijn van "ne bis in
idem". In zijn uitspraken citeert de Amsterdamse Raad de
klachten die door mij in voorafgaande procedures waren voorgelegd,
maar dat waren geheel en geheel andere klachten dan die ik in die en
thans in de onderhavige procedure voorleg. En voorzover het een
herhaalde klacht was (i.c.: "in de rekening van baten en lasten
het saldo van alle baten en lasten niet wordt genoemd, zulks wederom
in strijd met de Comptabiliteitsvoorschriften"), onderkent de
Amsterdamse Raad ten onrechte niet dat hij dat klachtonderdeel in
zijn eerdere uitspraken nooit heeft behandeld. Een niet behandelde
klacht is een niet onderkende klacht en een niet onderkende klacht is
niet bestaande klacht! De Amsterdamse Raad had voor zijn motivering
van "ne bis in idem" uiteraard slechts mogen citeren uit
zijn eigen eerdere uitspraken en niet uit andere stukken! Had de Raad
dat correct gedaan, dan zou hij vanzelf tot de conclusie zijn gekomen
dat er een meer dan levensgroot verschil zit tussen de in die
procedures voorgelegde klachten en de eerder behandelde klachten en
dat er wel degelijk sprake was van geheel nieuwe klachten!
7.
In
uitspraken van het College van Beroep in beroepszaken tegen
uitspraken van de Amsterdamse Raad van Tucht inzake de voorafgaande
procedures "jaarrekening 's-Hertogenbosch" (welke
jaarrekening vandaag aan de orde is in zaak 1059/03.50) en
"jaarrekening Den Haag" (welke jaarrekening vandaag aan de
orde is in zaak 1057/03.48) en twee andere identieke zaken sprak het
College uit:
"Hetgeen
appellant heeft aangevoerd strekt onder meer ten betoge dat de
rekening van baten en lasten van gemeente 's-Hertogenbosch weliswaar
eindigt met een positief saldo van fl 14,2 miljoen, maar dat het
saldo van alle baten en lasten fl. 83 miljoen blijkt te zijn.
Voor
zover appellant afzonderlijk over genoemde rekening van baten en
lasten heeft willen klagen overweegt het College het volgende.
Deze
grief maakt geen deel uit van de door de raad van tucht onder rubriek
4 van de bestreden tuchtbeslissing weergegeven klachtonderdelen, tot
welke klachtonderdelen appellant zijn klacht ook uitdrukkelijk heeft
beperkt blijkens het klaagschrift, hiervoor aangehaald.
Het
tuchtrecht vereist dat een klager zijn klacht meteen volledig
voordraagt, teneinde de beklaagde niet in het belang van zijn
verdediging te schaden. .....
De
conclusie moet derhalve zijn dat het College niet toekomt aan
evenbedoelde grief van appellant."
(Zaak
No. AWB03/267)
Idem
mut.mut. in zaak "Jaarrekening Den Haag" (Zaak No.
AWB03/1176)
Volgens
de Amsterdamse Raad van Tucht was er sprake van "ne bis in
idem", volgens het College van Beroep heb ik nooit geklaagd
over jaarrekeningen met foute winst-en-verliesrekeningen. Voor "ne
bis in idem" moet er wel eerst sprake zijn van een "idem";
volgens het College van Beroep is er nooit een "idem"
geweest. Met deze juridische werkelijkheid hebben we thans wel te
maken.
8.
Betrokkenen
hebben in hun verweer geen enkel argument, laat staan een wellicht
ook maar enigszins steekhoudend argument, aangevoerd waarmee zij welk
klachtonderdeel dan ook inhoudelijk bestrijden.
Conclusies:
1.
Er is geen sprake van "ne bis in idem".
2.
Betrokkenen erkennen dat ik inhoudelijk 100% gelijk heb.
Verzoek:
Ik
verzoek u mijn klacht in al zijn onderdelen volledig gegrond te
verklaren.