Dossier: gemeente Utrecht
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 4 juni 2007

De gemeenteraad van
gemeente Utrecht
Postbus 16200
3500 CE Utrecht

Betreft: Jaarrekening 2006 van gemeente Utrecht

Geachte Raad,

Voor u als gemeenteraad is de jaarrekening van uw gemeente een belangrijk document: hiermee legt het college van burgemeester en wethouders rekening en verantwoording aan u af over het gevoerde (financiële) beheer en verder is de jaarrekening voor u een belangrijk toetsingsmiddel voor de betrouwbaarheid van de begrotingen. Op basis van deze jaarrekeningen en begrotingen beslist u over de hoogte van de gemeentelijke belastingen en over het wel of niet doorgaan van belangrijke activiteiten. Ook voor de (geïnteresseerde) burgers is de jaarrekening een belangrijk document: d.m.v. de jaarrekening legt het gemeentebestuur al dan niet met uw instemming aan de burgers rekening en verantwoording af over de besteding van de belastinggelden en het gevoerde (financiële) beheer. Het is dus erg belangrijk dat de jaarrekening en de begroting betrouwbaar zijn.

Ik doe al enige jaren onderzoek naar jaarrekeningen van gemeenten en provincies. Mijn conclusie is dat de jaarrekeningen van veel gemeenten en provincies onbetrouwbaar en dus misleidend zijn. Ondanks de goedkeurende accountantsverklaringen daarbij die het tegendeel beweren.
Veelal geldt dat voor de presentatie van de baten en de lasten en het saldo daarvan. Het geldt veelal ook voor de presentatie van de financiële positie.
Het geldt ook voor de jaarrekeningen van de afgelopen jaren (inclusief die over 2006) van gemeente Utrecht.

De rekening van baten en lasten over 2006 sluit met een saldo van € 117 miljoen. Het werkelijke saldo is € 67 miljoen (info). Er wordt dus € 50 miljoen verzwegen.
En al eerder:
De rekening van baten en lasten over 1999 sloot met een saldo van € 12 miljoen. Het werkelijke saldo was € 111 miljoen. Er werd dus € 99 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2000 sloot met een saldo van € 30 miljoen. Het werkelijke saldo was € 105 miljoen. Er werd dus € 75 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2001 sloot met een saldo van € 72 miljoen. Het werkelijke saldo was € 37 miljoen. Er werd dus € 35 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2002 sloot met een nadelig saldo van € 30 miljoen. Het werkelijke saldo was nadelig € 11 miljoen. Er werd dus € 19 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2003 sloot met een saldo van € 23 miljoen. Het werkelijke saldo was € 260 miljoen. Er werd dus € 237 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2004 sloot met een saldo van € 53 miljoen. Het werkelijke saldo was € 65 miljoen. Er werd dus € 12 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2005 sloot met een (voordelig) saldo van € 37 miljoen. Het werkelijke saldo was nadelig € 19 miljoen. Er werd dus € 56 miljoen verzwegen.

Samenvattend:
Over de periode 1999-2006 werd een overschot gepresenteerd van € 314 miljoen. (Op zichzelf is dat al bijzonder merkwaardig, want waarom moet een gemeente zoveel geld overhouden?) In werkelijkheid was er heel veel meer overgehouden, namelijk € 615 miljoen. Een verschil derhalve van € 301 miljoen.

Bovenstaande cijfers krijgen reliëf als men bedenkt dat de opbrengst OZB in 2006 een bedrag was van € 59 miljoen. Die was dus - ook - in 2006 geheel en al overbodig!

Ook de weergave van de financiële positie is verre van juist. In de balans bijvoorbeeld zijn de vaste activa te laag weergegeven, onder de verplichtingen komen bedragen voor die in het geheel geen verplichtingen zijn, en anderzijds ontbreken wèl bestaande verplichtingen. Het betekent ook dat de hiermee samenhangende kosten verkeerd in de rekening zijn opgenomen.
Aan de jaarrekening zelf is dus wèl te ontlenen dat het saldo van de baten en de lasten niet het gesuggereerde bedrag van € 117 miljoen is, maar stelt niet in staat te zien wat dan het saldo van de baten en de lasten wèl is. Dat betekent dat de jaarrekening alleen maar bruikbaar is in de openhaard.

In de jaarrekening en het jaarverslag 2006 komt ook heel veel onzin voor, bijvoorbeeld waar het gaat over reserves, over zoiets als "Dienstbedrijfsreserves" (allemaal trucks om bestedingsruimte voor u als gemeenteraad achter te houden!), over voorzieningen, over een "resultaat voor bestemming" en een "resultaat na bestemming" (er is maar één resultaat en dat is het resultaat, i.c. het saldo van de baten en de lasten), over zoiets als een nominale begroting en een actuele begroting, over zoiets als "weerstandsvermogen" en "weerstandscapaciteit" met zelfs een berekening van de nonsens, over "uitzettingen" met zoiets als een "rentetypische looptijd", over zoiets als "investeringen met een economisch nut" en "investeringen met een maatschappelijk nut", en een onzinnige bijlage over zoiets als "SISA". Dit soort onzin zet alleen maar de lezer op het verkeerde been en leidt af van waar het werkelijk over zou moeten gaan.
Bij de jaarrekening hoort een bijlage genaamd "Nota reserves en voorzieningen 2007". Deze nota van maar liefst 422 pagina's staat boordevol onbegrijpelijke nonsens.
Overigens adviseer ik u sterk tot het opheffen van alle reserves, deze samen te voegen tot één Algemene reserve, en alle baten en alle lasten op te nemen in waar ze thuishoren, namelijk in de begroting respectievelijk in de rekening van baten en lasten. Dat zal het inzicht in waar het echt over moet gaan, aanmerkelijk verbeteren.

U leest er heel veel meer over op de website www.leoverhoef.nl, te beginnen met: "Boekhoudfraude bij gemeenten en provincies schering en inslag". Op de website treft u mijn bevindingen over de jaarrekeningen van Utrecht aan in de lijst "Uw gemeente en provincie". Deze brief en mijn eerdere correspondentie van de afgelopen jaren met u als gemeenteraad over de misleidende jaarrekeningen treft u aan in "Dossier: Utrecht".

Volgens BBV artikel 3 moeten de jaarstukken met name voor gemeenteraadsleden goed te begrijpen zijn. U kunt het beste zelf beoordelen of aan deze eis is voldaan. Volgens uw accountant heeft u hem gezegd dat u het allemaal prima begrijpt. Hoe kan hij anders beweren dat u de jaarrekening goed begrijpt?

Graag was ik u van dienst.

Met vriendelijke groet en hoogachting,

L.W. Verhoef