drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede
Wijk bij Duurstede, 10 december 2003
Provinciale Staten
Provincie Utrecht
Postbus 80300
3508 TH Utrecht
Betreft: Jaarrekening
2002
Het batig saldo over het jaar 2002 bedraagt €
21,6 miljoen
Aldus de suggestie in uw jaarverslag over
2002
Is deze suggestie juist?
Nee, want het saldo is in
werkelijkheid € 13,6 miljoen!!
Dat scheelt dus € 8,0
miljoen
Boekhoudfraude dus!
Geachte Staten,
Voor u als Provinciale Staten is de jaarrekening
van uw provincie een belangrijk document: hiermee legt het College van
Gedeputeerde Staten rekening en verantwoording aan u af over het gevoerde
(financiële) beheer en verder is de jaarrekening voor u een belangrijk ijkmiddel
voor de betrouwbaarheid van de begrotingen 2002 en 2003 en binnenkort de
begroting 2004. Op basis van deze begrotingen beslist u over de hoogte van de
provinciale belastingen en over het wel of niet doorgaan van belangrijke
activiteiten. Ook voor de (geïnteresseerde) burgers is de jaarrekening een
belangrijk document: d.m.v. de jaarrekening legt het provinciebestuur aan de
burgers rekening en verantwoording af van het gevoerde (financiële) beheer. Het
is dus erg belangrijk dat de jaarrekening en de begroting betrouwbare documenten
zijn.
Is de jaarrekening 2002 van provincie Utrecht
betrouwbaar? Nee!
Ik ben geïnteresseerd in hoe gemeenten en
provincies hun jaarrekeningen en begrotingen opmaken. Van die jaarrekeningen en
begrotingen klopt, zo is mijn ervaring, in het algemeen niet veel. Ze zitten
boordevol hoogst onjuiste en inconsistente informatie en boordevol
onzin-teksten. Het zijn daarom in het algemeen hoogst onbetrouwbare documenten.
Om die reden is het volstrekt onverantwoord om op basis van deze begrotingen en
jaarrekeningen gemeenten en provincies te besturen en daarover verantwoording af
te leggen.
Ik heb, zoals eerder de jaarrekening vanaf 1997
(zie mijn eerdere brieven aan u), ook de jaarrekening 2002 van onze provincie
beoordeeld. Ook de jaarrekening 2002, zo is mijn conclusie, heeft met een
jaarrekening, laat staan met een betrouwbare jaarrekening en dus met een
betrouwbaar sturingsmiddel en met een betrouwbaar verantwoordingsverslag, niets
uitstaande. Veel hoogst onjuiste en vooral onbetrouwbare cijfers en
onzin-teksten (vooral waar het gaat over al dan niet "vrij aanwendbare delen" en
"beklemde delen" van reserves, weerstandsvermogen, minimale omvang van reserves,
voorzieningen en rente), waarvan de meesten van u, het kan niet anders,
ongetwijfeld weinig begrepen zullen hebben. Het is uiteraard jammer van alle
moeite die aan de jaarrekening en aan het bestuderen daarvan besteed
is.
Ook de jaarrekening 2002 van provincie Utrecht
voldoet in de verste verten niet aan de meest elementaire eisen die je aan een
jaarrekening mag stellen: op betrouwbare wijze inzicht geven in de omvang van de
baten en de lasten en het saldo daarvan, en in de omvang en samenstelling van
het vermogen en m.n. van de reserves. De jaarrekening voldoet derhalve dus ook
in de verste verten niet aan de wettelijke eisen die gesteld worden bij het
opmaken en vaststellen van de jaarrekening.
Wat betreft de baten en de lasten en het
saldo daarvan, suggereren de rekening en de begeleidende teksten bij uw
jaarrekening dat het saldo van de baten en de lasten (overeenkomstig wat in de
rekening opgenomen is) een bedrag van € 21,6 miljoen is. Niets is echter minder
waar! Bestudering van de jaarrekening leert dat het saldo van de baten en de
lasten in werkelijkheid € 13,6 miljoen is. En dat is wel iets anders!
Wat mag u als Provinciale Staten en wat mogen de
burgers, belastingbetalers en andere belanghebbenden en belangstellenden niet
weten?
Het verschil wordt op de eerste plaats
veroorzaakt doordat er baten en lasten buiten de rekening zijn gelaten.
De toelichting bij de balans maakt duidelijk dat tientallen miljoenen euro's
aan baten en lasten buiten de rekening zijn gelaten. Het betreft tientallen
posten.
Omdat dit de niet deskundige lezers -
wat de meeste statenleden en andere belanghebbenden en belangstellenden zullen
zijn - gemakkelijk ontgaat en hen dus gemakkelijk op het verkeerde been zet,
wordt dit door de voor provincies en gemeenten geldende wettelijke
voorschriften, i.c. de zogenoemde Comptabiliteitsvoorschriften (artikel 27),
uitdrukkelijk verboden. Alle baten en alle lasten moeten in
de rekening worden opgenomen. Als dit, zoals de wet en vaste jurisprudentie
uitdrukkelijk voorschrijven, gedaan was, zou de rekening er uiteraard heel
anders hebben uitgezien.
Aan de jaarrekening valt wel te zien dat
er (delen van) baten en lasten buiten de rekening gelaten zijn, er valt niet of
nauwelijks te zien welke baten- en lastenposten het betreft. Dat betekent dat
alle baten- en lastenposten die in de rekening opgenomen zijn,
verdacht zijn en onjuist kunnen zijn. Dat betekent dat elke
vergelijking tussen begrotingscijfers en rekeningcijfers onmogelijk is
geworden.
Als de winst-en-verliesrekening correct zou zijn
opgemaakt, zou de rekening eindigen met het door mij genoemde saldo van € 13,6
miljoen.
Het bedrag van € 13,6 miljoen bereken ik
op eenvoudige wijze door het saldo van het eigen vermogen op 31.12.2001 (volgens
uw jaarrekening € 215,8 miljoen) af te trekken van het saldo van het eigen
vermogen op 31.12.2002 (volgens uw jaarrekening € 230,3 miljoen, na correctie
voor ten onrechte onder de activa opgenomen negatieve reserves van € 0,9 miljoen
derhalve € 229,4 miljoen). Het verschil (i.c. € 13,6 miljoen) is namelijk, hoe
je het ook keert of wendt, per definitie gelijk aan het saldo van de (=
alle) baten en de lasten.
Wanneer alle baten en lasten in de rekening
zouden zijn opgenomen, zou deze dus geëindigd zijn met een saldo van € 13,6
miljoen. Dit uiteraard wel onder de veronderstelling dat alle baten en lasten en
het eigen vermogen in begin- en eindbalans juist bepaald en weergegeven zijn.
Aan de jaarrekeningen van de meeste gemeenten en
provincies en ook aan die van provincie Utrecht valt echter te ontlenen dat veel
baten en lasten en het eigen vermogen volstrekt onjuist bepaald en dus onjuist
weergegeven zijn.
Aan uw jaarrekening is (ten minste) te ontlenen
dat:
-
een
(onbekend) bedrag van de vaste activa in plaats van aan de debetzijde van de
balans te zijn opgenomen, op één van de posten van de creditzijde van de balans,
in dit geval het eigen vermogen, is afgetrokken. Hierdoor worden de vaste activa
en uiteraard ook het eigen vermogen, i.c. de reserves, voor een te laag en dus
verkeerd bedrag weergegeven. Omdat op deze vaste activa niet wordt afgeschreven,
ontbreekt een (onbekend) bedrag aan afschrijvingslasten in de rekening, waardoor
de kosten van veel activiteiten te laag weergegeven
worden.
-
de
rentelasten met een bedrag van € 2,1 miljoen te hoog zijn weergegeven, omdat er
voor dit bedrag in de rekening fictieve rentelasten zijn opgenomen terzake van
niet bestaande schulden.
-
onder het eigen vermogen verschillende bedragen voorkomen die in het
geheel geen reserves zijn, maar verplichtingen. Hierdoor wordt het eigen
vermogen, i.c. de reserves, te hoog en dus verkeerd voorgesteld. Hierdoor worden
ook de baten en de lasten die met deze "reserves" samenhangen, geheel verkeerd
in de rekening weergegeven. Ten minste geldt dit voor de nog niet bestede
geoormerkte rijkssubsidies en diverse
tariefsegalisatierekeningen.
-
onder de voorzieningen verschillende posten voorkomen die geheel of ten
dele in het geheel geen verplichtingen representeren. Hierdoor wordt het eigen
vermogen, i.c. de reserves, te laag en dus verkeerd voorgesteld. Hierdoor worden
ook de lasten die met deze "voorzieningen" samenhangen, geheel verkeerd in de
rekening weergegeven. Ten minste geldt dit voor diverse
kostenegalisatierekeningen en nog niet bestede
budgetten.
-
onder de voorzieningen ten minste een voorziening uit hoofde van
pensioen- en wachtgeldverplichtingen jegens (oud-)wethouders ontbreekt. Hierdoor
wordt het eigen vermogen, i.c. de reserves, te hoog en dus verkeerd
voorgesteld.
-
onder de verplichtingen (i.c. voorzieningen en schulden) de
verplichtingen uit hoofde van vakantiedagen
ontbreken.
Door deze tekortkomingen in de
presentatie van de vaste activa, de verplichtingen en het eigen vermogen stelt
de jaarrekening ook niet in staat door vermogensvergelijking het werkelijke
saldo van de baten en lasten af te lezen. Kortom, aan de jaarrekening is wèl te
ontlenen dat het saldo van de baten en de lasten niet het gesuggereerde
bedrag van € 21,6 miljoen is, maar stelt overigens niet in staat te zien wat dan
het saldo van de baten en de lasten wèl is.
Kortom,
de jaarrekening van provincie Utrecht stelt
volstrekt niet in staat om een oordeel, laat staan een verantwoord oordeel, te
vormen over de financiële positie en over de baten en de lasten en het saldo
daarvan. En daar ging het toch in eerste instantie om! De jaarrekening voldoet
alleen daarom al niet aan belangrijke wettelijke voorschriften. Dat betekent dat
de jaarrekening totaal ongeschikt is als sturings- en verantwoordingsinstrument.
Dat betekent dat u bijvoorbeeld de geïnteresseerde burger, maar, naar ik
aanneem, ook uzelf, belangrijke informatie onthoudt, informatie waar de burger
en uzelf wel degelijk recht op hebben!
Ik denk dat u ervan uit kunt gaan dat ook uw
begroting 2003 en binnenkort de begroting 2004 op dezelfde wijze als de
jaarrekening zijn opgemaakt en dat u die dus, net zoals uw jaarrekening, maar
beter meteen bij het oud papier kunt wegdoen. Wat heb je aan 100-en pagina's
volstrekt onbetrouwbare informatie?
Het is volstrekt onverantwoord om met behulp van
dit soort begrotingen een provincie te besturen.
Voor u als provinciebestuur hebben bovenstaande
constateringen nog een extra bijzonderheid. U kunt er vanuit gaan dat ook de
jaarrekeningen en begrotingen van de (meeste) gemeenten in uw provincie, op
dezelfde wijze zoals bij u, een volstrekt verkeerd beeld geven van de reserves
en van (het saldo van) de baten en de lasten. Deze begrotingen en jaarrekeningen
zijn dus totaal ongeschikt voor de provincie (i.c. het college van Gedeputeerde
Staten) om financieel toezicht op deze gemeenten uit te
oefenen.
Ik denk dat er alle aanleiding is dat u de
jaarrekening (en de genoemde begrotingen) volledig laat overmaken en dat de
burgers en uzelf een jaarrekening krijgen die wèl betrouwbaar
is.
Ten minste heeft de belangstellende burger, maar
ook uzelf, recht op een antwoord op de volgende vragen:
-
Wat
is het werkelijke saldo van de baten en lasten van de provincie over
2002?
-
Wat
is de werkelijke omvang van de reserves einde
2002?
In Vrij Nederland van 2 maart
2002 werd onder de titel Gemeenten verbergen miljarden een overzicht
gepubliceerd van de door de 30 grote gemeenten in hun jaarrekeningen 2000
verzwegen miljarden. De 30 grote gemeenten verzwegen ruim ƒ 3,8 miljard. In
De Telegraaf van 6 juli 2002 las u Gemeenten verbloemen eigen
financiële situatie. Honderden miljoenen buiten boekhoudingen gehouden.
Provincie Utrecht hoort daar dus ook bij.
De winst-en-verliesrekening over 1997 sloot met
een saldo van € 5,8 miljoen. Het werkelijke saldo was een tekort van € 4,6
miljoen. Er werd dus € 10,4 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 1998 sloot met
een saldo van € 6,1 miljoen. Het werkelijke saldo was € 2,5 miljoen. Er werd dus
€ 3,6 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 1999 sloot met
een saldo van € 153,8 miljoen. Het werkelijke saldo was € 151,6 miljoen. Er werd
dus € 2,2 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 2000 sloot met
een saldo van € 8,3 miljoen. Het werkelijke saldo was een tekort van € 49,2
miljoen. Er werd dus € 57,5 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 2001 sloot met
een saldo van € 54,2 miljoen. Het werkelijke saldo was € 48,5 miljoen. Er werd
dus € 5,7 miljoen verzwegen.
De winst-en-verliesrekening over 2002 sluit met
een saldo van € 21,6 miljoen. Het werkelijke saldo is € 13,6 miljoen. Er werd
dus € 8,0 miljoen verzwegen.
Daarmee is de boekhoudfraude over die jaren
opgelopen naar € 87,4 miljoen.
Uw reactie te vernemen stel ik op
prijs.
Met vriendelijke groet en
hoogachting,
L.W. Verhoef