BNDeStem dd. 2 december 2006
‘Roosendaal goochelde met cijfers’
Door Henk van Ingen
Zaterdag 2 december 2006 - ROOSENDAAL
De gemeente Roosendaal heeft de
afgelopen jaren geen winst van 11 miljoen, maar een tekort van 0,8 miljoen
geboekt. Dat stelt klokkenluider Leo Verhoef.
De registeraccountant uit Wijk bij
Duurstede, die al jaren strijdt tegen boekhoudfraude bij gemeenten en
provincies, komt tot die conclusie na het doorlichten van de jaarrekeningen
2001- 2005. „Die jaarrekeningen kunnen meteen de open haard in. Dan heb je er
tenminste nog even plezier van. Want er klopt heel weinig van.“
Uit zijn
berekeningen blijkt dat Roosendaal in 2001 geen overschot van 4,4 miljoen, maar
een tekort van 5,4 miljoen incasseerde. 2003 sloot de gemeente met een winst van
1 miljoen af, terwijl het werkelijke resultaat 6,3 miljoen bedroeg. Als je alle
bedragen optelt, rest een nadelig saldo van 0,8 miljoen. Terwijl de
verschillende colleges tot een overschot van elf miljoen komen. „De gemeenteraad
neemt op basis van de aangeleverde cijfers beslissingen. Als die niet kloppen,
dan dreigt een groot financieel probleem.“
Het is niet de eerste keer dat
Verhoef in Roosendaal aan de bel trekt. Begin vorig jaar maakte hij in een brief
aan de gemeenteraad zijn bevindingen kenbaar. Daar gebeurde echter niets mee.
„Mijn ervaring is dat raadsleden weinig weten van financiën. Ze vinden
dat alleen maar eng, houden zich liever bezig met geld beschikbaar stellen aan
verenigingen. Ik word vaak beschouwd als spelbederver en ze denken dat het
allemaal wel meevalt.“
Verhoef is echter niet zo maar de eerste de beste.
Al eerder constateerden de rekenkamers in Amsterdam, Rotterdam en Dordrecht dat
hij het bij het rechte eind had. „Maar toch gebeurde er niets met mijn
bevindingen. In Amsterdam ging het totaal om 2,5 miljard euro. Toch liet de
gemeenteraad de wethouder gewoon zitten.“
Burgemeester Michel Marijnen
ziet geen reden iets te doen met het schrijven van Verhoef. „Dit lijkt me eerder
een probleem tussen accountants. Ik heb geen enkele reden te twijfelen aan het
oordeel van onze accountant. En die heeft onze jaarrekeningen
goedgekeurd.“
Marijnen heeft grote moeite met de zweem van fraude die
Verhoef oproept met zijn brief. „De suggestie van opzet werp ik verre van me. Ik
heb generlei het gevoel dat onze mensen, of de accountant de kluit willen
belazeren. We nemen de brief van Verhoef dan voor kennisgeving aan.“